Blog Page Translator

Blog Search Engine

Posts tonen met het label 200700 Patagonie (Chili en Argentinie). Alle posts tonen
Posts tonen met het label 200700 Patagonie (Chili en Argentinie). Alle posts tonen

donderdag 3 januari 2008

Op weg naar Antofagasta (Noord-Chili)

Op nieuwjaarsdag nam ik afscheid van de Argentijn Juan. Ik besloot niet gezamenlijk richting Temuco te fietsen, want ik wilde voorbereidingen treffen voor mijn laatste deel van mijn fietsreis door Zuid-Amerika. In de middag kocht ik wegenkaarten en bestudeerde de hoogvlaktes van Bolivia en Chili. Vanwege mijn opgedane fietservaringen in Chili leek het mij niet verstandig om nog door een arm land als Bolivia te fietsen. Van menig fietsreizigers had ik gehoord dat het regenseizoen op de Altiplano in de maanden december tot en met maart was en de kans groot was dat de zoutvlaktes bij Uyuni onder water staan. Het leek mij beter om vanuit Antofagasta naar San Pedro de Atacama te fietsen en vervolgens de fietsroutes via de Altiplano (+4000 m) uit te stippelen. Als alles meezit, dan zou ik Cuzco (Peru) binnen drie weken kunnen halen.

In de late namiddag legde ik via internet mijn vlucht van Temuco naar Antofagasta met vliegtuigmaatschappij LAN vast. In de avonduren las ik het boek Da Vinci Code van Dan Brown uit. Een fantastisch boek om te lezen en om de vervelende uurtjes door te komen.

De volgende dag fietste ik vrij snel van Pucon via Villarica naar Temuco. De route was in het begin wat heuvelachtig en vervolgens relatief vlak met korte klimmetjes. Het landschap was niet bijzonder langs de drukke toeristische weg S199 en autosnelweg Ruta 5. Degene, die wegreed van de bergen in Chili en Argentinie zou omerken dat het landschap en natuur een stuk minder was. Ik had dit tijdens mijn voorbereidingen van mijn fietstochten verwacht en leek het mij logischer om een spectaculair landschap in Noord-Chili op te zoeken. De laatste drie dagen nam ik nauwelijks nog foto's vanwege niet-opvallende landschappen of natuurverschijnselen. De meeste vulkanen had ik al gezien en de mooiste vulkaan Lanin in Argentinie had ik twee dagen ervoor in de vroege ochtend nog vastgelegd met de camera.

In de middag bereikte ik Temuco en besloot ik wat kleding, boeken, wegenkaarten en laptop terug te sturen naar Nederland. Ik bespaarde ruim zeven kilogram aan bagage. De besparing was noodzakelijk om veel water in de droge Atacama-woestijn te kunnen vervoeren. Op een zonnige, hete dag dronk ik al gauw 4 liters water weg. Het was een gegeven dat je extra reserves aan water bij je moest hebben op de hoogvlaktes (Altiplano), want water in de woestijn was schaars en bergdorpjes lagen niet echt op een fietsafstand.

Donderdagmiddag in Temuco waren de voorbereidingen voor de fietstochten in Chili begonnen. Ik kocht, wat kampeerspullen om te kunnen koken en een betere slaapzak, die de lichaamswarmte (comfortabele temperatuur) bij 10 graden onder nul nog vast kon houden. In de namiddag moest ik ook nog mijn fietsversnelling repareren, want door al het vuil (zand, stof) van de slecht onderhouden wegen verliep het schakelen niet meer zo soepel. Verder fietste ik naar de luchthaven van Temuco om de weg te verkennen, opdat ik vrij snel de volgende dag daar naar toe kan fietsen. In de avonduren kon ik via de website van luchtvaartmaatschappij LAN Chile alvast inchecken. In sommige opzichten bleek dat Chili een redelijk modern land was. De grootste bedrijven uit de luchtvaart-, transport- en telecomsector deden niks onder voor de westerse bedrijven. Verder bestuurde ik via internet de weerberichten voor de komende dagen in Noord-Chili. De beruchte boliviaanse winter op de hoogtevlakte van Chili, Peru en Bolivia was al goed op gang gekomen. Hevige regen- en onweersbuien waren al op diverse internetpagina´s geregistreerd voor de steden in de Altiplano-gebieden

Vrijdag (04-01) stond in het teken van mijn vertrek naar Antofagasta in Noord-Chili. De voordelen van online-inchecken leverde mij veel tijdwinst en kon ik op mijn gemak wachten op de vliegtuig. De vlucht verliep zonder problemen en vertraging. Tijdens de tussenstop in Santiago kocht ik een leesboek ´The Historian´van Elizabeth Kostova, waarin een levensverhaal over de speurtocht en mythe rond Dracula door de schrijfster verwerkt was. Tijdens de vlucht van Santiago naar het noorden van Chili kon ik vanuit de lucht de grote Atacama-woestijn langs de kust goed waarnemen, want de lucht was zeer helder en de zon scheen fel aan de horizon. Ik begon al wat voorstellingen te maken over fietsen in de woestijn, echter ik hield al vrijsnel op met fantaseren. De oneindige woestijnvlakte leek veel op de pampas in Argentinie, echter de droogte en lage luchtvochtigeheid zou anders zijn. Na aankomst was ik binnen 25 minuten al op de fiets richting La Portada, waar de beroemdste en aan door de zeegolven aangetaste rotsformatie van Chili te zien was. Mijn eerste indruk van de woestijn kon ik nog niet opmaken, want de fietstocht was daar voor te kort. Ik kon alvast even wennen aan de oneindige zandvlakte. De bergen langs de kust betekende voor mij dat ik de volgende dag direct kan beginnen met een paar stevige klimmen. Bij het plaatsje La Portada maakte ik foto´s van het natuurverschijnsel en constateerde dat de Chilenen druk bezig waren om het toerisme in dit soort gebieden verder te ontwikkelen. De verstedelijking rond Antofagasta begon al 15 kilometer vanaf het centrum. Langs de vervuilde stranden lagen veel mensen te genieten van het zonnetje. Bij mij kroop niet het gevoel dat ik ook maar even op de vervuilde stranden ging zonnebaden en fietste ik vrijsnel door naar het eerste hotel in het centrum, opdat ik nog boodschappen in de late avonduren kon doen.

dinsdag 1 januari 2008

Jaarwisseling in Pucon (Chili)

Op zaterdag 29 december vertrok ik van San Martin de Los Andes en wilde ik weer naar Chili fietsen om oud en nieuw te vieren. Na San Martin de Los Andes te hebben verlaten, besloot ik richting de vulkaan Lanin in Argentinie te fietsen. De beroemde vulkaan lag in het nationaal park P.N. Lanin op de grens van Chili en Argentinie. Wilde je als fietser wat zien van het landschap, dan moest je vaak richting een natuurreservaat of nationaal park fietsen. Argentinie bleef voor mij buiten de nationaal parken en toeristische steden een leeg land met uitgestrekte (heuvelachtige) vlaktes en estancias (boerderijen).

De windomstandigheden waren gunstig tot ik tien km van het plaatsje Junin de Los Andes verwijderd was. De harde zijwind deed mij besluiten niet meer verder dan Junin de Los Andes te fietsen. Het open heuvelachtige landschap langs het traject was niet bijzonder. In het toeristische plaatsje verbleef ik de hele middag in een restaurant en internetcafe, want ik wilde uitzoeken of ik Chili wel op tijd zou kunnen halen. De weersomstandigheden voor de volgende dag waren niet gunstig voor mij gestemd. Via internet vernam ik dat er een harde wind vanuit de Andes bergen zou waaien en kon ik me opmaken voor een zware fietsdag.

De volgende ochtend maakte ik me op voor de beruchte wind uit de Andes bergen. De hele middag had ik last van hevige tegen- of zijwind, echter ik kon mijn gemiddelde snelheid nog boven de acht km per uur houden. Ondanks de wind fietste ik gelukkig nog over geasfalteerde wegen, waardoor ik maar een tegenstander hoefde te verslaan. Ik merkte dat al die zware fietstochten in het zuiden van Chili en Argentinie mij mentaal sterk hebben gemaakt, waardoor ik de wind en windvlagen toch eenvoudig overwon. De laatste 10 kilometer veranderde het open heuvelachtige landschap (pampa-vlakte) in een bosrijk gebied, want ik naderde het nationaal park Lanin. De hele dag was er laaghangende bewolking in het park, waardoor ik de vulkaan niet te zien kreeg. De geasfalteerde weg hield op en ik kon over natte zandwegen fietsen. Gelukkig was het niet steil, waardoor mijn fietstempo niet al te ver naar beneden zakte. Na zes uur fietsen bereikte ik de gesloten grenspost en moest ik overnachten in de naast gelegen camping. Op de camping waren ook gestrande reizigers, die in afwachting waren voor de grenscontroles van de volgende dag. Op 1150 meter hoogte begon het die avond harder te waaien en werd het een stuk kouder. Om de koude avond door te komen besloot ik maar vrij vroeg te gaan slapen in mijn mummy-slaapzak.

Op de laatste dag van het jaar stond ik vrij vroeg op, opdat ik de grenscontroles snel doorkwam. Het waren strenge controles, want alle bagagestukken werden door de rontgenscanapparatuur gehaald. Bij alle andere internationale wegen over de bergpassen had ik zo´n strenge controle nog niet gezien. Binnen een half uur kon ik al weer vertrekken en kon ik me opmaken voor de steile afdaling over de slechte ripio wegen in Chili. De vele grote kiezelstenen en gaten in wegdek verhinderde mij een snelle afdaling in het nationaal park P.N. Villarica. Het park bestond uit bosgebieden, meertjes en laguna´s. Veel wildlife had ik in het park niet gezien. Kortom, de nationaal parken Lanin en Villarica vielen mij tegen en konden niet vergeleken worden met nationaal parken Nahuel Huapi (Argentinie) en Puyehue (Chili).

Na de afdaling ontmoette ik de argentijnse fietser Juan, die ook op weg was naar Pucon. Hij vertrok met weinig bagage uit Junin de Los Andes en vertelde mij dat de windomstandigheden gunstig waren. De laatste 50 kilometers fietsten we gezamenlijk naar Pucon en praatten over alles en nog wat. Hij vertelde mij over zijn werk als journalist bij een lokaal radiostation, het leven in Argentinie en de gevolgen van de economische crisis, die jarenlang in zijn land heerste. Voor hem was een reis naar Europa onbetaalbaar geworden en kon hij niet jaarlijks op vakantie. Zijn passie voor fietsen en bergen deden hem besluiten om toch eens naar zijn buurland Chili te fietsen.

Nadat we onze tenten op een camping in Pucon opgezet hadden, zat ik met Juan op een terras in afwachting van de jaarwisseling. Vanaf het terras zagen we dat veel Chilenen en toeristen naar het strand gingen om naar het vuurwerkspectakel te kijken. Om middernacht fietsten we door de stad en zagen we de uitbundige feestvreugde op het strand en markplein. Het vieren van oud- en nieuw was niet anders dan ik gewend was in Nederland. Na afloop werd er tot in de late uurtjes in diverse cafe´s en discotheken doorgefeest.

zaterdag 29 december 2007

Seven Lakes Drive (P.N. Nahuel Huapi)


In de vroege ochtend arriveerde ik met de kustvaarder Navimag in Puerto Montt. Ik besloot direct door te fietsen naar Puerto Varas. Na een klein uurtje kwam ik aan in het toeristische dorpje. Naar mijn mening te toeristisch, waarop ik besloot om door te fietsen naar Ensenada langs het grote meer Lago Lllanquihue. De overgang van Zuid-Patagonie naar Noord-¨Patagonie was enorm groot. Het klimaat was voor de fietser gunstiger. Het zonnetje scheen feller en de temperatuur was al ruim boven de twintig graden. Ook het uitzicht was anders dan ik gewend was.

In het meren-district bevonden zich vele vulkanen, waarvan ik vulkaan Osorno de mooiste vond. De met sneeuwbedekte kegel van de vulkaan was zeer egaal verdeeld. Kerstavond was niet bijzonder in het plaatsje Ensenada, want het leven ging gewoon door. De Chileen werkte liever op dezer dagen. Een simpele kerstviering zag je in sommige winkels en slaapgelegenheden, maar meer ook niet.

De eerste kerstdag fietste ik naar Entre Lagos en had last van de hitte en de felle zon. In het nationaal park P.N. Vicente Perez Rosales fietste ik kilometers lang om de grote vulkaan Osorno heen. Op de bosrijke flanken van de vulkaan kon ik de hitte van de zon vermijden, echter door de langdurige hitte had ik veel last van enorme stofwolken, die afkomstig waren van passerende automobilisten over de welbekende ripio wegen. In de avond arriveerde ik op mijn eindbestemming. Ik was niet echt bezig met kerst, want het zonnige klimaat in het meren-district en de hardwerkende chilenen deden je de kerstdagen vergeten. Op zich raar want er woonden toch veel aanhangers van het christelijke geloof.

Op tweede kerstdag raakte ik in gesprek met een nederlandse vrouw uit Amsterdam. We praatten over en alles en nog wat. Ook zij vond dat er in Zuid-Amerika nauwelijks sprake was van kerst. Zij ging verder doorreizen naar het zuiden van Chili. Ik gaf haar nog wat tips mee en zij gaf mij ook bruikbare tips voor het reizen in Noord-Chili. Net tegen de middag nam ik van haar afscheid en fietste richting de bergpas Samore in Argentinie. In de loop van de middag was de temperatuur al zo hoog opgelopen, opdat ik besloot ergens in het nationaal park P.N. Puhue te gaan zonnen. Na vijf uur was de zon minder fel en kon ik mijn fietstocht naar de hooggelegen bergpas voortzetten. Het was een lang beklimming van ruim 22 km met meer dan 1000 hoogtemeters, die even overwonnen diende te worden. Ik was al vaker een zware lange beklimming gewend, echter het werd een race tegen de klok om het park op tijd te verlaten. Wildkamperen in het park was immers verboden. De lange klim in het bosrijke gebied was langs laguna's en watervallen. De biodiversiteit van het park was enorm, want veel verschillende planten en struikgewassen waren er te zien. Een bijzondere roofvogel, valk, was vaak lopend over de weg te zien. De vogel was op zoek naar overstekende dieren (hagedis etc.). In de late avonduren merkte ik al op dat de grenspost van Argentinie niet bereikt zou worden. Ik had geen keuze meer en moest wel ergens in het natonaal park overnachten. De snel verlopen duisternis zorgde ervoor dat ik niet in de gaten had dat ik op het hoogste punt van de bergpas Argentinie bereikt had. Ik was nl. onder de indruk van de sneeuwresten langs de weg. Met dit landschap en sneeuw op de achtergrond had ik toch nog even een witte kerst op tweede kerstdag. Gelukkig was het niet koud op 1300 meter hoogte en sliep ik lekker.

De volgende ochtend (27-12) kon ik van de omgeving genieten en ontbeet op een toeristisch uitzichtpunt, waar je als toerist de bergtoppen rondom de bergpas kon bekijken. Nadat ik vrijsnel de argentijnse grenspost verlaten had, kon ik me opmaken voor een zware rit langs de zeven meren. Opnieuw was het zeer heet in het meren-district. Na 15 km fietsen over verharde grind- en zandwegen besloot ik dat ik in de middag maar beter kon gaan zonnen en zwemmen. Langs een snelstromend riviertje lag een paar lang te zonnebaden en genoot van de stilte rondom het riviertje tot een paar toeristen het plekje ook ontdekten. Het rivierwater was zo helder, dat je het gewoon kon drinken. Ik proefde nauwelijks het verschil met het bronwater, dat ik in winkeltjes kocht. Voor de zekerheid gebruikte ik toch maar even een filter, maar zag nauwelijks vervuiling in de filter optreden. Na 17:30 begon ik verdere te fietsen richting San Martin de Los Andes. Ondanks het weer aangenamer was, kon ik de zware fietstocht over vnl. zandwegen niet voltooien vanwege invallende duisternis. In het donker wist ik nog op tijd een camping in Pichi Traful aan het door bos omgeven meer Lago Traful te bereiken. Ik zette mijn tent dicht bij het water en merkte de volgende dag op dat het uitzicht het meer en de omliggende bosrijke bergflanken zeer rustgevend was.

Het weer was op vrijdag 28 december gunstig gestemd voor de fietser. De bewolking in het gebied zorgde ervoor dat de hitte niet doorbrak. Na zeven kilometer verliet ik gelukkig de slechte wegen en bevond ik me op geasfalteerde wegen. In een sneltreinvaart overwon ik de vele heuvels en lastige klimmetjes. Mijn beenspieren waren goed getraind en zag dat de gemiddelde snelheid tijdens de klim op geasfalteerde wegen redelijk hoog was. Met een hoge verzet (voorblad van 32 tanden)kreeg ik de pedalen gemakkelijker rond. Aan het begin van mijn fietsreis was dit niet het geval en moest ik vaak terugvallen op een voorblad van 22 tanden. Het uitzicht op de vele meren was schitterend om te zien. De dichte bosrijke bergvalleien en meren leken veel op de omgeving van Lago del Desierto in het zuiden van Patagonie. In de late middaguren bereikte ik de eindbestemming San Martin de Los Andes. Het was een dag later dan ik gepland had, maar de onverwachte hittegolf en zandwegen weerhielden mij om in de middaguren verder te fietsen.

maandag 24 december 2007

Boottocht van Pto Natales naar Pto Montt via Patagonia Channels

Op donderdagavond 20 december was de check-in voor de 1500 km lange bootreis langs de Chileense kust. De bootreis was met een chileense moderne bevoorradingsschip. Ik sliep in een slaapbunker met 22 bedden. Op zich had ik een duurdere compartiment kunnen betalen, maar het prijsverschil was te groot. Voor de duurdere compartiment zou ik meer dan 1500 USD betalen en de goedkoopste slaapplaats voor drie nachten was 370 USD. Het schip had alle moderne voorzieningen. In de zaal werden films vertoond en praatsessie of bingoavond georganiseerd.

In de loop van de volgende ochtend (04:00 uur) verliet de vrachtvaarder Navimag de havenstad Puerto Natales. Na het ontbijt stond ik op het dek en zag de boot langs de vele kale onherbergzame eilanden varen. De laaghangende bewoling verhinderde de optimale uitzicht over nauwe Patagonia Channels. De volgende uren veranderde het landschap nauwelijks, waardoor ik in mijn kleine bed in een slaapzaal mijn fotoalbum van de laatste twee weken aan het bijwerken was. Later pakte ik het boek van Dan Brown en begon verder te lezen en voelde mee met Robert Langdon, die beschuldigd werd van moord op de archivaris van het Louvre museum in Parijs. In de late middaguur veranderde het landschap van onherbergzame eilandjes en nauwe vaarwateren nauwelijks. In de avonduren bevond ik me in de Lounge room en dronk wat biertjes weg en praatte wat bij. Het reizen via de boot was toch een totaal andere beleving dan de vele afgelegde fietstochten met andere fietsreizigers. Op de boot was ik geen fietser tegen gekomen. Wel wat backpackers, echter ze waren niet mijn doelgroep.

De volgende ochtend maakte de vrachtboot in de ochtenduren (04:00) een tussenstop in Puerto Eden. Een paar passagiers stapten uit en de rest sliep nog. Op het schip werd zelfs vee vervoerd, want de hele dag hoorde ik de koeien. In de loop van de ochtend merkte ik de verandering in het landschap op. De kale bergen op de eilandjes en op het vasteland bestonden nu uit veel bosrijke gebieden. Ook op deze dag ondervond ik veel hinder van de laaghangende bewolking rondom de bergtoppen, waardoor fotograferen nauwelijks zin heeft. Het uitzicht veranderde nauwelijks tot in de late middaguur, waar het schip de beruchte golfstroom van Golfo de Penas moest overwinnen. De golfstroom was tijdelijk hevig, echter niet zoals ik de sterke golfstroom bij Bodo in Noord-Noorwegen kende. Het schip van de Hurtigrute voer toen urenlang tussen de hoge golven langs de noorse kust. Wat mij verder opviel was dat de chileense fjorden zeer ontoegankelijk waren vanwege de nauwe vaarwateren. In Noorwegen waren veel fjorden goed ontsloten en goed bereikbaar met de auto. In de avonduren las ik weer verder in het boek ´Da Vinci Code´. Ik was in ieder geval blij, dat ik in El Chalten (Argentinie) een spannend boek gekocht heb om in de mindere uren van de zeereis te kunnen lezen. Mijn webpages en fotoalbum had ik ondertussen al helemaal bijgewerkt.

De volgende ochtend (23-12) maakte het schip een uitstapje naar een van de vele gletsjers uit de Patagonia Icefields, die in nauwe inhammen van de Patagonia Channels uitmondde. Ik had al veel reusachtige gletsjers in het nationaal park Los Glaciars (Argentinie) gezien en maakte maar een paar foto´s. Rondom de boot zwommen een paar dolfijnen in het rustige vaarwater van het schip. In de late middaguur voer het schip over de Grote Oceaan langs de Chileense kust en kon de oplettende passagiers de zwemmende zeehonden observeren. Het zonnetje brak nu eindelijk door, waardoor de besneeuwde bergtoppen van de vulkanen ter hoogte van Chaiten (startplaats van Carretera Austral) goed te zien waren. Deze vulkanen had ik al op het eiland Chiloe al gefotografeerd. Aan de andere kant kon men het eiland Chiloe aanschouwen en wachtte ik tot het schip het ontoegankelijke, noordelijke deel van Carretera Austral passeerde. Door de vroeg invallende duisternis waren de bosrijke gebieden (het dichte regenwoud van nationaal park Pumalin) niet meer te zien. Een gemiste kans. Want het noordelijk deel had ik willen fietsen, echter de veerdiensten werden alleen in januari en februari (hoogseizoen) uitgevoerd. De avonduren bracht ik al lezend in de lounge room en mijn slaapbed door. Inmiddels waardeer ik het ingenieuze opzet van het boek, waardoor ik steeds de neiging kreeg om verder te lezen in het boek van Dan Brown.

Kortom: T.o.v. de zeereis langs de noorse kust was de boottocht langs de Patagonia Channels niet boeiend genoeg. Weinig afwisselingen in landschappen langs de chileense zuidkust. De dagenlang, laaghangende bewolking boven de zuid-chileens kust verhinderde het uitzicht op de Patagonia Icefields en je diende als reizigers altijd rekening te houden met zeereizen in dit soort gebieden. Zelfs in Noorwegen had ik de schitterende kustlijn van Helgeland in Noorwegen niet kunnen aanschouwen vanwege de laaghangende bewolking. Verder zou ik meerdere tussenstops bij pittoreske vissersdorpjes willen zoals in Noorwegen, want een beetje afwisseling tijdens het reizen kon geen kwaad.

donderdag 20 december 2007

P.N. Torres del Paine


Op zondag 16 december waren de Italiaan en de nederlandse vrouw van plan vroeg te vertrekken naar Torres del Paine. Vanwege hevige regenval in de ochtenduren konden ze niet vertrekken, waardoor ik als nog eerder vertrok dan zij. Op weg naar het nationaal park werd het landschap zeer heuvelachtig met gemene steile klimmetjes. Het natte zanderige gravelweg maakte het fietsen zwaar. En ik moest als fietser accepteren dat het weer een lange fietsdag wordt. De granieten torens waren bij het meer Lago Amarga al goed zichtbaar en verlichtte de pijn van het fietsen over de natte slechte gravelwegen. De Italiaan Matteo en de nederlandse Carolien trof ik weer bij het meer en we fietsten gezamenlijk naar de camping Las Torres. Bij de camping riep een braziliaanse backpacker Alex mijn naam. Ik kende hem van de jeugdherberg in El Calafate. Hij was zo onderde indruk van mijn snelle fietstocht van El Calafate naar Torres del Paine drie dagen dat hij met mij op de foto wilde. Uiteraard kon ik zijn bewondering waarderen en motiveerde mij alleen maar om verder te fietsen in Chili en Argentinie. Ik vertelde hem dat het fietsen wel meeviel. Een fietsafstand van 282 km (vergelijk van den Haag naar het uiterste noorden van Groningen) in drie dagen is voor een ervaren fietser gemakkelijk te doen, maar dat de slechte wegen, uitgestrekte papampasvlakte met weinig voorzieningen en sterke tegenwind de grootste tegenstanders zijn. Met uitzicht naar de befaamde bergtoppen zette ik de tent op en hoopte dat de wolken om de bergtoppen de volgende dag verdwenen. Ondanks het goede zicht op de bergtoppen, had ik vanwege de laaghangende wolken geen ideaal beeld.

De volgende dag (17-12) maakte ik de populairste wandeling van het park. Vele buitenlandse wandelaars en hikers maakten deze eendaagse wandeling naar de drie beroemste, granieten bergtoppen van het park. In het begin moest ik veel steile hellingen beklimmen en gebruikte ik vooral de andere beenspieren. Vanwege mijn fitheid was de negen kilometerlange wandeling eenvoudig te overbruggen. De wandeling kenmerkte zich vooral door de vele uitzichten over meren, bossen, watervallen en gletsjers.

Degene, die lef had, overwon de laatste anderhalve kilometer naar het 970 meter hooggelegen uitzichtpunt. De grote zwerfstenen (morenen) maakten de klim naar het uitzichtpunt zwaar en veel wandelaars zagen af van deze beruchte klim. Ik was overmoedig geworden en besloot de klim toch maar te doen. Na een uur klimmen en wandelen bereikte ik met een tiental mensen het uitzichtpunt en kon ik de gedroomde foto´s van de drie granieten torens maken. Laaghangende bewolking rondom de torens was er heel dag niet aanwezig, waardoor ik eindelijk een ademebenemende uitzicht had op deze bergtoppen. Na een kwartier verlieten de meeste wandelaars het uitzichtpunt en bevond ik me voor hooguit 20 minuten alleen op eenzame hoogte. Vanaf de top zag ik een grote groep wandelaars en hikers bij het meer zitten. Zij zaten op ongeveer 700 meter hoogte en hadden een mindere blik op de granieten torens dan ik. Ik pakte vervolgens mijn boek ´The Da Vinci Code´ van Dan Brown en las een hoofdstuk tot de volgende groep wandelaars arriveerden. Ondertussen wierp ik steeds een blik naar de torens en genoot van het bereiken van mijn reisdoel ondanks een paar tegenslagen op het eiland Chiloe.

De terugtocht naar de camping Las Torres verliep zonder problemen op een incident na. Zo wist ik dat je nooit alleen moest hiken of wandelen in dit soort parken vanwege het gevaar op een ongeluk. De volgende groep bevond zich andere ander kant van de rotskam met vele zwerfstenen en puin en ik maakte de afdaling aan de andere kant. Plotseling gleed ik weg en bevond me een paar meter beneden en had het 250 meter laaggelegen ravijn als afschrikwekkend beeld voor me. Het fijne puine maakte de afdaling niet gemakkelijk op en ik moest me zien te redden om de stevige rotsblokken een paar meter hogerop weer te bereiken. Met wat klimwerk bereikte ik de grote stevige rotsblokken weer en kon de afdaling via deze rotsblokken weer vervolgen. Na tien minuten vond ik de wel bekende markers in de rotsblokken, waardoor de afdaling weer een stuk gemakkelijker werd. De volgende keer toch maar op tijd met een groep vertrekken.

Op de camping trof ik de Italiaan en de nederlandse vrouw weer aan. En we praatten weer bij en maakten de plannen voor de komende dagen kenbaar. De nederlander ging de beroemde wandeltocht ´El Circuito´ van tien dagen uitvoeren. De Italiaan moest binnen vijf dagen in Punta Arenas zijn om zijn terugreis naar Milaan te maken.

Nadat de stevige regebuien over waren, fietsten de Italiaan Matteo en ik de volgende dag naar camping Pehoe aan het gelijknamige meer. De fietstocht was over de slechte wegen was zeer mooi en je had altijd wel zicht op de gletsjers, watervallen, meren, laguna´s en de andere befaamde bergtoppen van het park, Cuernos del Paine. Deze bergtoppen leken in de verte op een net geslepen, rechtop staande houten potloodpunt.

De korte rit naar camping leek eenvoudig, echter de gemene steile klimmetjes in het zeer heuvelachtige landschap maakte het fietsen in Zuid-Chili wederom zwaar. Onder genot van een biertje en uistekende uitzicht op het meer Pehoe en bergtoppen Cuernos del Paine hoorde ik de liefdesverhalen van de Italiaan in het restaurant aan. Hij vond haar leuk en dacht dat zij de ideale vrouw voor hem was. Ik had de afgelopen dagen al in de gaten dat de twee een (tijdelijke) relatie hadden en besloot af en toe afstand te houden en dan maar alleen verder te fietsen of te wandelen. Ik had altijd wel een excuus om foto´s te maken, want daar stond ik bij veel fietsreizigers bekend om: de fotograferende nederlander met volbepakte fietstassen.

De volgende dag (19-12) moesten ik en de Italiaan de havenstad Puerto Natales bereiken. Matteo moest 240 km doorreizen naar Punta Arenas en ik moest de boot van Puerto Natales naar Puerto Montt van donderdagavond halen. De laatste 35 kilometers door het nationaal park was zeker aangenaam om te fietsen, echter bergtoppen Cuernos del Paine bevonden zich steeds achter de rug van de fietsers. Op een paar toeristische uitzichtpunten (chileens: mirador) bij een meer kon ik deze bergtoppen en Nordenskjold gletsjer op een grote afstand uitstekende fotograferen. De laaghangende, bewegeende bewolking verpestte soms het uitzicht. De Italiaan reed zoals gewoonlijk weer ver vooruit en na passage van het meer Lago del Torro had ik hem niet meer gezien. Een onverwachte afscheid. Zo gaat het eenmaal met fietsreizen. Hij dacht dat hij me wel in Puerto Natales zou zien. Ik wist wel beter en dacht: ´Die zie ik nooit meer terug.'

De laatste 25 kilometers door Zuid-Patagonie verliepen voorspoedig. De oeroude grotten van Milodon bezocht ik nog even, echter onder de indruk raakte ik niet. In de grot waren overblijfselen van een groot beest (soort dinosaurus) en de oermens uit de ijstijd gevonden. Na mijn bezoek bereikte ik havenstad Puerto Natales vrij snel en kon ik me opmaken voor de cruise naar Puerto Montt (Midden-Chili).

De uitgestrekte pampas-vlaktes (estancias)


Op vrijdag 14 december verliet ik de toeristische plaats El Calafate en was ik op weg naar het wandel- en hikersparadijs van Zuid-Amerika, Torres del Paine, in Zuid-Chili. In het nationaal park wilde ik de beroemde granieten torens in het berglandschap van Chili met eigen ogen aanschouwen. De hele dag waaide het hard over de uitgestrekte pampasvlakten van Argentinie. De noordwestenwind waaide in het begin in mijn voordeel, waardoor ik vrij snel 95 km binnen 4,5 uur kon afleggen ondanks een tien kilometerlange klim naar 790 meter hoogte. De hele dag kon ik ervaren dat Argentinie mij een leeg gevoel gaf. Sporadisch merkte ik een huis in een grote vlakte (estancia) op en was er geen mogelijkheid om even water- en voedselvoorraad aan te vullen. Gelukkig had ik grote reserves opgebouwd om twee dagen in de pampasvlakte door te brengen. Desalniettemin kon ik van de enorme leegte van het land genieten. Verveelde het monotone uitzicht op de kudde vee, struikgewas en heuvels, dan hoefde ik mijn hoofd naar rechts te draaien en had ik uitzicht op de besneeuwde bergtoppen, dat ongeveer 80 kilometer van de weg lag. Soms kon ik de hooggelegen patagonische sneeuw- en ijsvelden met een verrekijker goed bekijken. Op de provinciale autoweg Ruta 11 en aan het begin van de nationale autoweg Ruta 40 had ik nog uitzicht op het azuurblauwe meer Lago Argentino en de beroemde gletsjers.

Veel auto´s en vrachtwagen trof ik op de ongeasfalteerde route 40 niet aan. Het slechte wegdek en de sterke tegenwind verhinderden mij de snelle doorgang naar het hotelletje Tapi Aike. Op sommige momenten was de harde wind zo sterk, dat ik nauwelijks geen energie meer had om door te fietsen. Om mijn voedselvoorraad niet direkt te laten slinken, had ik me voorgenomen om ergens op de pampasvlakte een plekje op te zoeken en te overnachten. Ik wist dat de wind in de ochtenduren minder sterk was, waardoor ik snel naar Cerro Castillo in Chili kon fietsen. Voor ik een geschikt plekje stopte ik bij de eerst volgende huis op de vlakte (Estancia el Manantial). De schapen en honden maakten zoveel lawaai, toen ik het erf betrad. De eigenaar van het landgoed besloot om maar eens te kijken wie er op 500 meter stond. De eigenaar maakte al gauw duidelijk met zijn handgebaren, dat ik het erf mocht betreden.

Het bouwvallige huis bevatte geen electriciteitnetwerk en rioleringssysteem. Op de papmpasvlakte zag ik al dat veel van de huisjes door de bewoners zelf gebouwd zijn. Het voldeed niet aan alle veiligheidsvoorschriften. Met petroleumlampjes en veel hete theedrinken kon je de koude patagonische avonden nog doorkomen. De WC pot was niets anders dan een klein houten, verplaatsbare hok in de achtertuin, dat boven een uitgegraven kuil stond. Je kon jezelf verder behelpen met stukken kranten papier. Douche- en kooksysteem kenden de bewoners niet, waardoor het warme water niet even beschikbaar was.

Met wat gebaren en engelse woorden maakte ik duidelijk of ik mijn tent in de buurt van hun huis mocht op zetten, opdat ik weinig hinder van de sterke wind ondervond. Het was voor de eigenaar geen probleem en nodigde me zelfs uit om mee te eten. Met de andere bewoners at ik argentijnse soep en groenteschotel met lamsvlees. Ik kon het echte leven op de pampasvlakte ervaren. De bewoners waren onder de indruk van mijn fiets, campingspullen en mijn bagage, want wie wilt er nu fietsen over de slechte wegen in de open vlaktes van Argentinie. Nadat ik mijn tent in de omgeving van hun huisopgezet had wilden ze met mij op de foto. Ik had geen last van de koude wind die nacht en sliep verder goed.

De volgende dag kreeg ik een gratis ontbijt aangeboden en nam vervolgens afscheid van de bewoners. De windstilte heerste in de ochtenduren, waardoor ik de slechte gravelwegen na 35 km binnen drie uur fietsen kon verlaten. Over de autoweg Ruta 40 naar het zuiden van Argentinie bevond ik me nog steeds in een open lege vlakte. Ik fietste langs het hotelletje, kantoortje van de politie en een popmstationnetje in Tapi Aike en ervaarde vervolgens de lege argentijnse vlakte weer. Ondertussen reed ik richting de Andes bergketen en werd het aanzien van het saaie landschap dragelijker. Nu richtte ik me op de bergen van het nationaal park Torres del Paine.

Bij de chileense grens raakte ik in gesprek met nederlandse fietsers en zij vertelden mij over het nationaal park en het stadje Cerro Castillo, dat zes kilometer verder op lag. Ze vertelde mij dat er een nederlandse vrouw in het stadje was, die ook naar Torres del Paine fietste. Aangekomen in Cerro Castillo kwam ik de Italiaan Matteo weer tegen, die ik tijdens mijn fietstocht naar El Calafate weg van mij fietste. Hij had minimaal aan bagage bijzich en kon dus gemakkelijk drie a vier kilometer per uur harder fietsen dan ik. In de hospedaje (verblijfplaats bij een chileens gastgezin) praatte ik met de Italiaan en de nederlandse vrouw Carolien bij over fietstochten van de afgelopen dagen in Argentinie.

vrijdag 14 december 2007

Reisverslag: Ruta 40 (P.N. Los Glaciars)


Op maandag 10 december vertrok ik richting El Calafate om de beroemde gletsjers van Patagonie te bezoeken. De hele dag waaide het hard over de autoweg Ruta 23 langs het emerald groene meer Viedma. De wind blies me als het ware naar de uitgestrekte open pampasvlakte, waar de nationale autoweg Ruta 40 zich bevond. De gemiddelde snelheid was voor een zwaar beladen fiets hoog. Normaal gesproken was ik een snelheid van 12 km per uur over de slechte wegen gewend, maar nu bleef de snelheid vrij lang boven de 30 km per uur. De Italiaan Matteo haalde mij naar twee uur fietsen in. Hij vertelde mij dat hij zijn vier gebroken spaken moest laten repareren door een fietsenmaker. De ripio wegen in Chili veroorzaakte bij veel fietsers gebroken spaken, maar bij mijn Worldtraveller (Koga Myata) gelukkig niet. Het uitzicht over het meer Viedma was adembenemend mooi om te zien. De torenhoge granieten bergtop El Fitzroy en de Viedma gletsjers waren aan het meer duidelijk te zien en een fotostop moest deze natuurverschijnselen, die tijdens het fietsen achter me bevonden, op de camera vastleggen.

Binnen 3,5 uur had ik de hoofdweg bereikt en was de fietspret direkt over. De Italiaan had even op mij gewacht en gaf aan dat de komende 20 km hard werken is op de fiets. De harde tegen- en zijwind over de pampasvlakten was nu de grootste tegenstander. Terwijl ik krachtig op de pedalen trapte, stak een soort egel de weg over. Het was een van de weinige dieren die op de pampas leefden. De Italiaan had ook nog een soort lama (Guanaco) gezien. Na twee uur in de tegenwind te hebben gefietst, bereikte ik hotel Leona. In het hotel overnachtte ik en de Italiaan, want de volgende slaapaccomodatie lag meer dan 100 km verder op. Het fietsen over de argentijnse vlakte was erger dan in Noord-Noorwegen. Grote drank- en voedselvoorraad was voor de fietser nu heel belangrijk, want even boodschappen kon nu even niet. Zelfs een automobilist moest over de eindeloze vlakte genoeg brandstof hebben, omdat de eerst volgende tankstation honderden kilometers verderop ligt.

De volgende dag wisten de Italiaan en ik dat een zware fietstocht naar El Calafate zou worden. De harde noordwestenwind aan het meer Lake Argentino zorgde ervoor dat ik over de laatste 32 km bijna vijf uur kwijt was om de eindbestemming te kunnen bereiken. De Italiaan wilde geen risico nemen en ging ver vooruit fietsen. Sindsdien heb ik hem niet meer gezien. Op zich jammer dat hij niet wilde wachten. Maar zo gaat het met fietsers. Iedere rijdt voor zich. Ondertussen kwam ik een stel op de tandem tegen, dat op weg was naar Rio Gallegos aan de argentijns zuidoostkust. Ik wisselde met hen de fietsverhalen uit, waarna het stel mij succes wenste met de harde tegen wind. Zij hadden nu de wind in de rug en konden hun bestemming ruimschoots halen. De urenlange harde wind in een heuvelachtig gebied kon ik vergelijken met een plotselinge bergetappe van de buitencategorie (Alpe D´Huez). Stapvoets fietsen, op zijn tijd even de benen rust geven, afgewisseld met veel eten en drinken kon ik El Calafate toch ruimschoots voor de avondschemering bereiken. Ik irriteerde me meer aan de inhalende auto´s, die geen respect tonen voor fietsers die last hebben van een sterke zijwind.

In El Calafate had ik even het idee, dat ik over de Champs Elysee fietste en de Tour gewonnen had. Ik besefte dat deze rit veel adrenaline door mijn lichaam liet stromen. Ik had steeds gedacht, dat ik El Calafate niet meer zou halen. De laatste tien kilometers boog de weg om langs de bergketens en heuvels die de windsterkte deed laten reduceren. In de late avonduren kon ik nog een excursie naar de wereldberoemde gletsjer Perito Moreno regelen.

De volgende dag (12/12) nam ik deel aan een alternatieve excursie van de jeugdherberg richting de gletsjer Perito Moreno. In de ochtenduren reed de bus over oude weggetjes langs diverse estancias (soort boerderij met zeer grote stukken grond). De bus stopte plotseling omdat een groep condors met jonkies langs de weg stonden. Verderop zag ik en de toeristen ook ander diersoorten (guanaco´s en andere roofvogels). In het nationaal park waren ook nog veel flamingo´s te zien. In het nationaal park Los Glaciars was het uitzicht op de Perito Moreno indrukwekkend om te zien. De grote ijsmassa vormde een grote dam in het meer.

Dicht bij de gletsjer besefte je pas hoe indrukwekkend de gletsjer is. De enorme krachten op de gletsjer zorgde ervoor dat de ijsmassa op diverse plaatsen brak. Het breken van de ijsmassa ging gepaard met harde knalgeluiden en rondvliegende ijsbrokken. Veel toeristen probeerden van dit schouwspel een foto te maken, echter het was te onvoorspelbaar wanneer het ijs zou breken. In het meer Lake Argentino maakte ik nog een boottocht langs diverse ronddrijvende ijsschotsen naar Perito Moreno en kon ik de 60 meter hoge ijsschotsen beter ervaren.

Woensdag 13 december bestond mijn dagtocht uit het bezoeken van diverse gletsjers in het nationaal park Los Glaciars. Deze gletsjers waren slechts per boot via Punta Bandera bereikbaar. Ook nu voer ik langs vele ronddrijvende ijsschotsen en had diverse gletsjers in zicht. Deze gletsjers waren niet zo spectaculair als de Perito Moreno, omdat het harde knalwerk uitbleef. De ontoegankelijkheid van het gletsjerlandschap en de bosrijke omgevingen bij het meer Lake Onelli lieten bij een bepaalde indruk achter. Elke gletser op de route zag er toch even iets anders uit dan de vorige. Bij het meer Lake Onelli kon men genieten van het uitzicht op de drie gletsjers, die in het meer eindigden.

De twee excursies maakten me duidelijk waarom er zoveel toeristen uit heel de wereld naar dit nationaal park komen. Massatoerisme van de afgelopen dagen deed me weer sterk verlangen naar de nationaal parken langs de Carretera Austral in Chili. Niet zo indrukwekkend, maar wat een rust en zuiverheid.

De komende fiets ik in ongeveer drie dagen naar het hikers- wandelparadijs van de aardbol Torres del Paine in Chili. Ik wil de granieten bergtoppen en de diversiteit in natuur en landschappen zeker niet missen. In het park ga ik zeker ook fietsen, echter je zult een paar dagen moeten wandelen. In dit park fiets ik door naar de havenstad Puerto Nataleas en beeindig ik mijn fietstochten in Zuid-Patagonie, waarna ik de boottocht naar Puerto Montt langs de chileense fjorden maak.

zondag 9 december 2007

Reisverslag: Carretera Austral (Cochrane - Villa O´Higgins)

De populaire fietsroute Carretera Austral zit er op. Na twee dagen in de wildernes te hebben gekampeerd ben ik op vrijdag 7 december in Villa O'Higgins aangekomen.

De laatste etappes waren zwaar, want er waren nauwelijks winkels voor drank en voedsel. Ik fietste met twee engelse fietsers (Jennifer en Simon) tot Rio Nadis (een van de weinige camping plaatsen). We wisselden veel reisverhalen uit over fietsen in Patagonie. Ik kreeg van hun nog een kaart voor het meren-district in Chili en Argentinie. Deze fietsers kwam ik anderhalve dag later weer tegen in Puerto Yungay. Bij de veerhaven vertelde ik hun dat ik in Puerto Vagabundo in het bos bij een waterval overnachtte. Ik wilde vlak voor de zware beklimming stoppen en vervolgens overnachten. De Engelsen gaven in de stromende regen aan dat je in Puerto Yungay kon overnachten bij een refugio (soort opvanghuis) en dat je de volgende dag de veerboot kon nemen. Ik vond dat niet nodig, want ik wilde alles op alles zetten om op tijd in Villa O´Higgins te zijn. Ik wilde liever in de avonduren door fietsen en moest dan maar een zware beklimming over de slechte gravelwegen op de koop toenemen. Met blessures aan mijn kniebanden en vermoeide benen moest al duwend mijn zwaar beladen fiets over de natte gravel- en zandwegen van een bergpas duwen. Gelukkig kon ik sommige stukken op de helling nog fietsen. Leuk was het niet en ik heb nog nooit zoveel staan vloeken op die vervelende heuvels en bergen. Ik moest het maar accepteren, want het is de ripio (slecht onderhouden gravelweg) en niet de steile heuvels of bergen. Enfin, ik moest dus in de stromende regen en harde wind overnachten bij een brug. Het was te donker om nog een goede slaapplaats in het bos te vinden. Het was een koude nacht en veel slapen kon ik nauwelijks vanwege de harde koude wind die mijn tent te vaak liet schudden.

De volgende dag merkte ik al dat mijn voedsel- en drankvoorraad aardig ingeslonken was. Met een paar broodjes kon ik gelukkig nog heel de dag fietsen, echter om energie en krachten te besparen besloot ik om de zware steile heuvels al lopend met de fiets af te leggen. De hellende vochtige zand- en grindwegen waren voor mij te zwaar. Dit keer ergerde ik me niet aan de wegen, want de grote zwevende Condor boven je hoofd was een mooi schouwspel om te zien. Even dacht je als hij maar niet een ekster na doet en je vanachteren aanvalt. Als fietser ben je kansloos tegen zo'n grote vogel. Gelukkig vloog hij door en bevond hij zij op een paar honderd met boven me.

Aan het eind van de middag haal de Italiaan, die ik in Rio Tranquillo en Cochrane ontmoette, mij in. We wisselden weer verhalen uit en fietste samen naar de eindbestemming Villa O´Higgins. Via de Italiaan kon ik de overtocht naar Argentinie op zaterdag regelen.

De oversteek van Villa O´Higgins naar Candelario Mansilla was een leuke boottocht, echter een spectaculair gletsjerlandschap heb ik niet gezien. Na de overtocht besloten de andere fietsreizigers naar het meer Lago del Desierto te fietsen. Ik besloot deze route op een paard af te leggen. Ik huurde twee paarden (een voor mij zelf en een voor mijn bagage en fiets). Onder begeleiding van een gids loodste hij mij en het paard over de steile rotsen en snelstromende riviertjes. Het was een leuke ervaring Argentinie binnen te komen. Ik was blij dat ik dat deel niet met bagage gefietst hebt, want de route was echt een zware mountainbikeroute en met pijn in de kniebanden niet te doen. Ook al zou mijn bagage aan een gids af hebben gegeven, dan moest het stuk in Argentinie lopen, want er was alleen maar een slechte wandelpad in het bos. De weg in Chili was slecht, maar zeker nog te fietsen.

Bij aankomst kregen de reizigers te horen dat boottocht over Lago del Desierto afgelast was vanwege een stormachtige wind. Dus moesten we overnachten bij de argentijnse militairen (grenspost). Ze hadden een opvanghuis (refugio) voor gestrande reizigers en tegen betaling konden we eten en overnachten. In het opvanghuis wisselden alle reizgers hun verhalen uit en een ieder had wel iets van elkaar gehoord. Dat was wel leuk als je ergens fietste op weg naar Villa O'Higgins, dat andere fietser aan elkaar doorgaven wie waar fietste. De volgende dag fietste ik na de boottocht over het meer naar El Chalten met een groep Fransen, die ik in het opvanghuis ontmoet had. In de avonduren had ik samen met de Fransen en andere fietsers op de camping en in de kroeg nog wat biertjes gedronken. Vanaf nu vervolgde iedereen zijn eigen weg door in het argentijnse deel van Patagonie .

dinsdag 4 december 2007

Reisverslag: Carretera Austral (Coyhaique - Cochrane)


Op dit moment bevind ik me in een zeer ontoegankelijk gebied van Patagonie. Vanaf Coyhaique is het landschap langs de Carretera Austral soms indrukwekkend om te zien. Veel ongerepte natuurgebieden. De fietsdagen zijn lang, indien je niet wilt kamperen in de natuur. Langs de route zijn weinig voorzieningen te bespeuren. Voedsel en drank is schaars, dus als fietser zal je bij aankomst in een grote stad direkt je boodscahppen moeten doen. In de kleine dorpjes is niet veel te verkrijgen.

Hier volgt een kort route verslag.

vr 30/ 11Coyhaique - Cerro Castillo
Tot natuurreservaat Cerro Castillo is de fietsroute voor een groot deel door de vallei Rio Simpson en leidt de fietser over de vele steile heuvels. De fietser zal korte stevige klimmetjes van een paar kilometer moeten bedwingen. Dit gedeelte van het traject kan men zwaar beschouwen vanwege de sterke wind, omdat de gemiddelde snelheid niet boven de 16 kilometer bedraagt. De eerste 24 km stijgt de weg in een heuvelachtig landschap geleidelijk van 300 naar 580 meter hoogte. In het middenstuk voor het bereiken van natuurreservaat stijgt de weg verder naar ongeveer 900 meter hoogte. In het natuurreservaat slingert de autoweg tussen de bosrijke bergflanken van de bergketens door. De toeristische weg wordt goed onderhouden. Door reusachtige netten tegen de rotswanden te plaatsen probeert men de vallende rotsblokken en gesteenten tegen te gaan.

De weg gaat in de natuurreservaat geleidelijk naar naar het hoogste punt Portezuelo Ibanez (+ 1120 m) en op een paar plaatsen zijn watervallen en gletsjer te bespeuren ondanks de laaghangende bewolking. Na passage van het hoogste punt krijgt de fietser de riviervallei Rio Ibanez en de stad Villa Cerro Castillo te zien en zal hij de vele korte flauwe bochten tijdens de steile afdaling met enigszins voorzichtigheid moeten nemen. De haarspeldbochten aan het einde van de afdaling zorgt voor een leuke fotoshot van de omgeving.

Za 01/12 Cerro Castillo - Bahia Murta
De fietsdag ziet er als volgt uit: bewolkte dag en een paar lichte regenbuitjes. De laaghangende bewolking verhindert het uitzicht op de bergtoppen. De uitstekende rotsformatie aan het begin van de route valt tussen de andere bergtoppen op. De fietser zal een stevig verzet kunnen verwachten van de slechte ripio-weg en zal ook nog een stevige klim van 330 naar ongeveer 520 meter hoogte moeten bedwingen. De eerste 45 kilometers zijn zwaarder dan de laatse 55 kilometers naar Bahia Murta, vanwege de kilometerslange vlakke harde stukken zand- en grindwegen langs de rivieren in het laatste deel van de route.

De fietstocht is vervolgens langs het lichtblauwe water van de laguna Verde en leidt de fietser over relatief vlakke zand- en grindwegen langs de rivieren Rio Ibanez en Rio Murta. De fietser zal dit stuk weg langs de rivieren als ‘goede’ ripio-weg ervaren. Op dit stuk ligt de gemiddelde fietssnelheid aanzienlijk hoger en biedt de sterke noordwestenwind de fietser alleen tegenstand in de open vlaktes tussen de bosrijke bergflanken. Voor de afdaling naar de rivier treft men een onaangetast rivierverloop in het gebied aan. De oplettende fietser zal een dood bos in de riviervallei (Rio Murta) ontdekken en neemt vervolgens een paar watervallen, een gletsjer en moerasgebieden waar. De laatste tien kilometers naar Bahia Murta verandert de weg in een slecht onderhouden weg, dat beter bekend staat als de normale ripio-weg in Chili.

Zo 02/12 Bahia Murta
Heel de dag was er een stevige wind en regende het heftig. Het regende urenlang achterelkaar door, opdat ik besloot om een rustdag op te nemen om niet in de stromende regen te fietsen. Als fietser wil je toch genieten van het landschap en natuur.

Ma 03/12 Bahia Murta - Puerto Bertrand
De fietsdag ziet er alsvogt uit: Helder, zonnige dag aan het meer lake General Carrera. Op plaats van bestemming Puerto Bertrand verschijnen de stapelwolken zich en begint het harder te waaien in de bergvallei. De laaghangende bewolking verhindert het uitzicht op een paar hooggelegen bergtoppen. De overigen zijn redelijk zichtbaar. Na ca 16 km begint de fietstocht zwaarder te worden en is de weg heuvelachtig langs het meer General Carrera. De zanderige wegen op dit gedeelte van het traject maakt het fietsen een stuk zwaarder en zijn een paar steile stukken niet gemakkelijk te bedwingen met de fiets. Het azuurblauwe water valt direkt op en de steile bergketens van de Andes vormen een steile muur aan de overkant van het meer. Na 45 kilometer is het wegdek voor ongeveer 30 km relatief vlak. Het wegdek bestaat uit verhard grindweg. Het landschap langs het meer is open met wat struikgewas en bomen. Na de stevige klim bij Lago Negro (km 75, 4eΔ) komt het karakteristieke beeld van de Carretera Austral weer in beeld. De weg is zeer slecht en op sommige hobbelige stukken van de weg ervaart de fietser het effect van het fietsen op een stuk golfplaat. De Carretera Austral baant zich een weg tussen het lage struikgewas en eindigt bij een meer, waarna de steile afdaling naar Puerto Bertrand volgt.

Di 04/12 Puerto Bertrand - Cochrane
De fietsdag ziet er alsvogt uit: Helder, zonnige dag langs de route. Echter, het is een stuk kouder dan een paar dagen geleden.

In Rio Tranquillo had ik een kort gesprek gehad met een Italiaan, die vanuit Puerta Murta ook naar Puerto Betrand fietste. Zijn fietstocht wass ook naar Villa O’Higgins. De Italiaan ontmoette ik twee dagen later in Cochrane weer aan. Verder fietste ik voor een groot deel van het traject met Engelsen. Zij fietsten al zeven maanden in Zuid-Amerika en waren op weg naar Ushuaia in Argentinie.

Over het traject kan ik kort zijn. Veel steile beklimmingen gehad in een heuvelachtig landschap. Het uitzicht over de riviervallei Rio Baker was schitterend om te aanschouwen, maar verder hield het wel op. De slechte ripio weg verhinderde een hoge afdaalsnelheid, waardoor de gemiddelde fietssnelheid aan het eind van de rit verschrikkelijk tegen viel.

Morgen fiets ik met de Italiaan richting Puerto Bertrand (122 km) en wordt het een zeer lange dag.

donderdag 29 november 2007

Reisverslag: Carretera Austral (Chaiten - Coyhaique)


Na dagenlang wachten op de veerboot tussen Quellon en Chaiten kon ik eindelijk de oversteek maken naar het chileense vasteland. De eerste route van de Carretera Austral (22-11) was zonder bagage noordwaarts in het Pumalin National Park. De autoweg 7 (Ruta 7) bestond alleen uit gravel met veel kiezelstenen. De slecht onderhouden weg in Chili stond beter bekend als de ripio en maakte het fietsen over dit soort wegen wel of zonder bagage zwaar. De laaghangende bewolking boven het dichte regenwoud gaf mij als fietser weinig zicht op de besneeuwde bergtoppen van de Andes. Caleto Gonzalo kon ik niet meer bereiken, omdat mijn snelheid te laag was om dezelfde ripio-weg terug te fietsen naar Chaiten. Het had nl. geen zin om in het donkere bos over de slechte wegen te fietsen.

De volgende dag (23-11) fietste ik de Carretera Austral in zuidwaartse richting. De eerste overnachting was in Villa Santa Lucia bij een gastgezin (Hospedaje). Voordat ik de plaats van bestemming bereikte, moest ik een onverwachte loodzware klim over een bergpas (2e categorie) in een bergkloof overwinnen. Een paar passerende automobilisten boden mij een lift aan, want ze zagen dat ik mijn fiets duwde over het steile gedeelte van de bergflank. Ik negeerde hun aanbod en duwde een paar honderd meter mijn fiets (E: push bike)naar een minder steile helling. Ondertussen kon ik van de nauwe bergkloof toch genieten, want dit was er een die ik nog niet gezien had. De fietstocht van Chaiten naar Villa Santa Lucia was verder over de wel bekende ripio weg in het dichte begroeide bos.

De volgende dagen fietste ik via La Junta (24-11) en Puyuhuapi (25-11) naar het afgelegen bergdorpje Villa Amengual. Ruta 7 tot Puyuhuapi was voor een ervaren fietsreizger niet bijzonder spectaculair. Het landschap varieerde tot Puyuhuapi nauwelijks en beperkte zich tot de uistekende bergtoppen van de Andes boven het regenwoud. Op sommige gedeelte van het traject zag je de gevolgen van de vele bosbranden, die door de kolonisten aangestoken waren. Ze dachten even land te kunnen veroveren. Gelukkig waren sommige gebieden weer redelijk hersteld. Door de dichte begroeing kon je als bestuurder van een voertuig nauwelijks een meer zien van een afstand. Alleen op hooggelegen wegen in het bos kon je sporadisch een meer of rivier zien.

Na Puyuhuapi (26-11) had ik als ervaren fietsreiziger het idee dat de Carretera Austral nu pas begon. De route langs de bosrijke flanken van de fjord, bergketens en rivieren in het binnenland kenmerkte zich door de vele afwisseling in de landschappen. De beklimming van een bergpas in het nationaal park Queulat, waarbij je in een stuk naar een hoogte van ca 600 meter moest fietsen, zorgde ervoor dat je tijdens de rust kon genieten van het uitzicht over de vallei en van de verscholen indrukwekkende watervallen in het bos. Ondertussen waren de wegwerkers druk bezig met de verbreding van de wegen, opdat de toeristen gemakkelijker met de auto door konden rijden naar de volgende plaats. Als fietser mistte je soms het gevoel van dat specifieke gravel weggetje dwars door het bos. De verbreding van de wegen maakte het voor de fietser wel wat gemakkelijker, want de auto´s passeren je nu op een grote afstand en je had minder last van de stofwolken. Ook op dit van het traject tot Coyhaique zag je de gevolgen van de vele bosbranden. Als rondreizende toerist zal je dit moeten accepteren en maar snel door rijden.

De fietstocht naar de grote stad (Coyhaique) in de provincie Aysen was zeker bijzonder om te ervaren, want de slecht onderhouden ripio wegen hielden op en je fietste over geasfalteerde wegen in diverse nationaal parken. In het Nationaal Park Rio Simpson waren de gevolgen van het terugtrekken van de gletsjer duidelijk waarneembaar. De vallei met de steile bergwanden en de reusachtige, geisoleerde rotsformatie gaf mij een uniek gevoel, waar ik als fietsreiziger van droomde. Je bevindt je tijdelijk even in een andere wereld. De relatieve vlakke stukken in de vallei en het asfalt veraangenaamde het fietsen totdat Coyhaique bereikt werd. In de buurt van Coyhaique moest even weer een paar bergjes bedwongen worden en was de kennismaking met een hellende tunnel een aparte ervaring. De donkere korte tunnel was voor de niet goed-verlichte fietser geen pretje, want je wist de reactie van de passerende auto´s niet.

In Villa Santa Lucia ontmoette ik een groepje Spaanse fietstoeristen, die van Futaleufu kwamen. Deze groep was ik de komende dagen in diverse plaatsen (La Junta, Puyuhuapi en Coyhaique) tegengekomen. Zij waren ook op weg naar het eindpunt van de Carretera Austral, Villa O´Higgins. Ze konden niet voldoende engels spreken, wat het uitwisselen van ervaringen belemmerde. In Coyhaique nam ik eigenlijk al definitief afscheid van de groep, want zij reisden direkt door en ik nam een rustdag. Deze rustdag had ik nodig om te herstellen van een lichte knieblessure. De blessure had ik al een paar dagen, maar het verhinderde mij niet om verder te fietsen. In een grote stad kon ik allerlei zaken regel tijdens een rustdag en kon mijn knie weer verder herstellen.

maandag 19 november 2007

Uitgaan met Chilenen op een zondagavond

Gisteren was ik na mijn bezoek aan een internetcafe beland in een chileense kroeg. De eigenaar nodigde mij uit om voetbal te kijken. De wedstrijd Uruguay tegen Chili was leuk om te zien, maar een echte voetbalkraker was het niet. De Chilenen wonnen de lastige uitwedstrijd met 2-1 en de voetballiefhebbers in de kroeg juichten bescheiden bij de omstreden winnende treffer van hun populaire aanvaller Marcello Salas vanaf het strafschopstip. Na afloop van de wedstrijd dronk ik gezellig met een paar voetbalfans uit Santiago en Temuco wat biertjes weg. De vele liters Crystal (chileens bier) en de voetbalwedstrijd Peru tegen Brazilie (eindstand 1 -1) op de achtergrond zorgden ervoor dat ik het na mijn zin had ondanks de teleurstelling op het lange wachten op de veerboot. Ik legde de Chilenen in het Engels uit hoe ik in Europa leefde en hoe de nederlandse samenleving zich verhoudt tot de chileense. Ik vertelde hen dat hun maatschappij redelijk modern was, maar dat zaken als toegang tot het internet, toerisme en gebruik van websites nog een paar jaar achterliep t.o.v. de westerse samenleving. Veel Chilenen denken dat je even marihuana in Nederland kon kopen. Ik benadrukte dat het verschil in soft- en harddrugs ook in Nederland strikt toegepast werd en dat sommige handelingen m.b.t. drugs (teelt, gebruik en hoeveelheid in bezit; 'voordeur-achterdeur-beleid') toch illegaal in Nederland waren. De Chilenen uit de grote steden konden met steenkolen-engels toch nog een goede conversatie voeren en toonden grote belangstelling voor de westerse samenleving. Op zo´n moment voelde je je niet alleen aan de overkant van de Atlantische Oceaan en maakte je even deel uit van de chileense samenleving.

Laat in de avond nodigden de chileense vrienden me uit om naar een nachtclub te gaan en ging ik op hun uitnodiging in. In de nachtclub waren de drankjes zoals gebruikelijk zeer duur en betaalde je de drankjes van deze dames voor hun geanimeer. Het dansen met de dames was zeer gezellig, maar na zoveel glazen bier besloot ik maar dat ik op tijd weg moest gaan. Op bepaalde momenten dat ik hen niet begreep (spaanse worden) of me niet verstaanbaar kon maken probeerde een Chileen, die wel een klein beetje Engels kon spreken, mij te woord te staan en regelde voor mij bepaalde zaken als bestellen van bier en vervoer naar het hotel regelen. Ik bedankte de Chilenen voor hun gastvrijheid, de gezellige avond en hun aanbod om mij bij het hotel af te zetten. Als westerse toerist lieten ze me een klein stukje van het chileense uitgaansleven zien en daar was ik hen zeer dankbaar voor. Ik had het idee, dat zij graag hun land op de kaart wilden zetten voor de toeristen en naar m.i. was het hun goed gelukt.

Bureaucratie en de heersende macho-cultuur vallen mij in het dagelijkse leven steeds meer op. Over bureaucratie heb ik in de vorige blog-berichten geschreven en ik zal nu een klein stukje over heersende macho-cultuur in Chili schrijven. Het kleineren van een volk, niet-heterosexuelen of vrouwen kan men in het onderontwikkelde deel van de chileense samenleving vrij normaal beschouwen.

De Mapuchu-Indianen worden in hun eigen land niet met respect behandeld. Zelfs een zeer knappe Mapuchu vrouw wordt tot op het bot beledigd, wat voor mij betekent dat de vrouw ook niet met respekt behandeld wordt.

Tijdens het uitgaan of in een restaurant vraagt men altijd wel eens over je sexuale geaardheid en wat je van chileense vrouwen vindt. Deze vragen beantwoord ik vrij snel met: ´I like/love Shakira´. M.a.w. mooie chileense vrouwen heb ik nog niet in dit deel van het land (eiland Chiloe) gezien. De Chilenen kunnen dit antwoord niet echt waarderen, maar snappen direkt wat voor soort vrouw je zoekt en begrijpen dat je een veeleisend mannetje bent.

In de chileense samenleving zal je wat nadrukkelijker als macho moeten gedragen en je nog meer naar de vrouw toebewegen. Je moet je duidelijk verzetten tegen alles wat afwijkt van heterosexualiteit en begrip tonen voor Mapuchu Indianen moet je zeker niet doen. Om een dergelijk afkeurend gedrag aan te nemen, zal voor mij en menig toerist geen enkele moeite kosten, maar je voelt je wel boven de zuidamerikaanse samenleving uitsteken (arrogant ben ik zeker niet!!). M.a.w. de chileense samenleving (het onderontwikkelde deel van de bevolking) verschilt niet zo veel met die van de westerse als het gaat om de bovengenoemde zaken. De Chilenen zeggen het direkt en keuren het direkt af. De onderontwikkelden uit de westerse samenleving denken net zoals de Chilenen, maar zeggen het niet.

Ondanks de houding van veel Chilenen zeg ik als reiziger toch, dat Chili een relatief veilig land is voor de elke toerist. Het land is zeker toegankelijk voor alleen reizende vrouwen, mits je maar niet afwijkt van de heersende cultuur en niet ingaat op avances van de lokale bevolking.

zondag 18 november 2007

De komende dagen op het eiland Chiloe


Ondanks de opgelopen vertragingen in het fietschema had ik veel van de door mij opgedane reiservaringen in mijn blog vast kunnen leggen.

Uit een paar gesprekken met de Chilenen blijkt, dat de komende ritten over de Carretera Austral minder zwaar zullen zijn. Wel een paar stevige beklimmingen over een bergpas om Argentinie in te komen of te verlaten. Hevige regenbuien kunnen belemmering vormen voor het fietsen over de harde gravelwegen. Ik verwacht dat ik bij de Andes gebergten lekker door kan fietsen. Dit deel van Zuid-Chili is redelijk toeristisch en heeft een diverse aanbod m.b.t. overnachtingsmogelijkheden. Services als banken, pinautomaten (ATM) zijn er nauwelijks, waardoor veel contant geld en een creditcard op zak moeten hebben. Tot nu toe heb ik altijd 200.000 Chileense pesos (ca 300 euro) verstopt in mijn First-aid kit en heb ik eenzelfde bedrag minimaal in mijn portemonnaie.

Het land heeft overigens wel in elke stad of dorp een zaak met faciliteiten omtrent het gebruik van internet en/of soms sony playstation (of MS XBOX), waar veel Chilenen en buitenlanders kunnen internetten of computerspelletjes tegen elkaar spelen. Ik maak de komende veel dagen veel gebruik van het internet om mijn website aan te passen. Eigenlijk moet ik dit thuis doen. Maar nu ik niet veel kan doen, kan ik het beter maar nu doen. Veel ervaring met GPS dataverwerking op internet sites heb ik niet en is dit nu de kans om het een en ander uit te zoeken. Voor de lezers/bezoekers van mijn website is het aangenamer om te achterhalen, hoe ik gefietst of gewandeld heb of waar ik me momenteel bevind.

Nog een keer drie dagen wachten op de veerboot (Quellon - Chaiten)

Vandaag was ik vrij vroeg bij het kantoor van de veerdienst om informatie in te winnen over de overtocht naar Chaiten. Gelukkig kon ik de medewerkster van de veerdienst overtuigen, dat ik een kaartje wilde kopen voor de overtocht. Deze medewerkster kon redelijkerwijs engels spreken, waardoor ik kon aangeven dat ik de boot voor woensdag wilde nemen. Het viel mij op dat als ze je niet meer begrepen, dat ze je zo lieten staan. Dit gebeurde mij afgelopen donderdag met als gevolg dat de boot op vrijdagochtend al volledig volgeboekt was. De Chilenen in de afgelegen gebieden waren niet in staat om mee te denken met de reizigers. Ik had verscheidene malen aangegeven en ze stuurden je steeds van de muur naar het kastje en andersom. Ze wezen naar de andere medewerker, die het zou moeten kunnnen oplossen. Even later zag ik dat een paar toeristen ook net als ik teleurgesteld het kantoor verlieten. Deze europese toeristen waren met de auto over het land aan het reizen en hadden op een volle veerboot in het voorseizoen niet gerekend. Op een groeiende aantal reizende toeristen, was de veerdienst niet op berekend.

Als reiziger zou je met dit soort dingen rekening moeten houden en extra (nutteloze)dagen moeten reserveren. Gelukkig had ik deze dagen wel in mijn reis opgenomen, want ik had 50 fietsdagen (ca 4000 - 5000 km) gepland. 33 Dagen zijn in het schema opgenomen, waarvan minimaal 6 vaste reisdagen en 4 dagen voor Cuzco (Machu Pichu) zijn. De overige 23 dagen waren nodig voor rust, bezoek aan toeristische bezienswaardigheden, pech etc. Deze oponthoud op het eiland kostte me vier nutteloze dagen. De andere 2 dagen beschouwde ik als hersteldagen. Pijn in de bovenbeenspieren en vooral veel pijn rondom de kniebanden had mij de ritten op de onverharde wegen over het zeer heuvelachtige eiland opgeleverd.

Ik had nog overwogen om terug te keren naar het vasteland en mijn fietstochten te laten starten bij Puerto Montt, waar ik met de vliegtuig aankwam. Alles wat ik zou verzinnen om de Carretera Austral te kunnen fietsen kostte me zoveel dagen extra om te reizen en te fietsen, dat ik mijn hele schema opnieuw kon maken. Een nieuw schema zorgde er niet voor dat ik de verloren achterstand kon inhalen. In Noorwegen en Nieuw Zeeland kon het nog. In Chili golden andere wetten. De weersverwachting voor de komende week was gunstig voor de overtocht, waardoor ik woensdag tegen de avond in Chaiten zou kunnen arriveren. Ook als reiziger zou je rekening moeten houden met het uitvallen van een veerdienst. Laat ik hopen dat dat niet ging gebeuren....

vrijdag 16 november 2007

Drie dagen wachten op de veerboot (Quellon - Chaiten)

De ontoegankelijkheid van het eiland was vooral in het uiterste zuiden te merken, omdat de beperkte veerdienst naar het chileense vasteland (Chaitèn) in het voorseizoen mij dagenlang op het eiland vasthield. Diverse toeristische bezienswaardigheden waren in de buurt van de steden Castro en Ancud, die in het noordelijk deel van het eiland lagen, waardoor de geisoleerde ligging van de havenplaats Quellon extra benadrukt werd.

De eerste dag (15/11) kon je de tijd door brengen in een andere stad. Castro lag 80 km ten noorden van de havenplaats en er waren diverse bezienswaardigheden (Jezuiten kerk en lokale marktjes). De busrit naar de stad duurde ongeveer 2 uur, waardoor ik de stad in het begin van de avond al weer moest verlaten. In de stad viel mij vooral op dat de medewerkers van het plaatselijke toeristencentrum (VVV) en toeroperators niet in staat waren om een gesprek in het Engels te voeren. Weinig folders met engelse vertaling, wat bij mij de indruk wekte dat het toerisme op het eiland nog in de kinderschoenen stond.

De volgende dag (16/11) waagde ik maar weer een poging om een excursie te regelen. Helaas, hevige en langdurige regenval verhinderde mij om een actie te ondernemen. De hele dag regende het en had ik me maar bezig gehouden om mijn website te herinrichten en een alternatief fietsplan op te stellen. De aardbeving in Noord-Chili was ook bij mij doorgedrongen, want in alle restaurants en huiskamers was de catastrofale uitwerking van de aardbeving op de televisie te zien. Overnachten bij een gezin (hospedaje) kostte mij rond de tien euro, wat voor mij geen enkele probleem vormde. Wat ik wel miste, was even een gesprek voeren over het dagelijks leven in Chili. Degene, die wel Engels spraken, waren wel bereid om even uit te leggen waar de aardbeving exact plaatsvond en waar ik wel zou kunnen fietsen.


Zaterdag (17/11) hoopte ik de veerdienst naar Chaiten te kunnen regelen. Het noodlot sloeg toe, de veerdienst was volgeboekt en de volgende vertrok over vier dagen. Een onverwachte tegenslag, die ik moest verwerken. Op het eiland was niet veel te doen. Een bezoek aan een klein vissersdorpje Chonchi (70 km ten noorden van Quellon) leverde mij alleen foto's van de zoveelste houten jezuiten kerk en de haven op. In de middag nog een korte wandeling gemaakt. Veel toeristen zag je niet, want die waren waarschijnlijk in de grote steden Castro en Ancud. Verder dacht ik veel na om mijn GPS data te publiceren met Google map en vervolgens op mijn website te plaatsen.

Dagelijkse leven van de eilandbewoners lang de snelweg Ruta 5


De lange fietstocht naar het uiterste zuiden van het eiland Chiloe startte met een heldere zonnige dag (14/11) en een strak blauwe lucht. De bergtoppen van de Andes bergen waren op sommige plaatsen op het eiland duidelijk zichtbaar. Na het passeren van de stad Castro varieerde het landschap op het eiland van het bosrijke binnenland tot het uitzicht op de besneeuwde bergtoppen van de Andes langs de kust en van open heuvelachtig landschappen tot de Jezuiten kerken langs de weg. Vanaf de weg was het bestaan van de eilandbewoners goed te volgen. Langs de wegen waren bedelende zigeuners, spelende en schoolgaande kinderen en werkende boeren te zien. Sommige eilandbewoners zochten langs de autoweg Ruta 5 naar eetbaar struikgewas (soort rabarber), kapten hout in het bos, bewerkten hun stukje grondgebied.

Het leek een eenvoudige etappe te worden om lekker eens uit te fietsen, maar de natuur was onverbiddelijk en de heuvels bleven maar opkomen in het landschap. De etappe leek wel op de 150 km toerversie van de Amstel Gold Race. Je hield van zo'n etappe of je haatte het, want op het moment dat je benen rust kregen kon je al weer opmaken voor een volgende steile klimmetje. Het heuvelachtige landschap kostte mij daarom veel energie (1000 hoogtemeters in 106 km), waardoor ik tegen de schemering op de plaats van bestemming, Quellon, aankwam. De gunstige weersomstandigheden en de nodige fietservaring zorgden er gelukkig voor dat ik de avond niet in the-middle-of-nowhere zou moeten doorbrengen. Aangezien ik snel weer naar het chileense vasteland wilde, kon ik me geen exta tussenstop veroorloven.

dinsdag 13 november 2007

Parguas via Quemchi naar Dalcahue; Toeristische kustroute


De afgelopen twee dagen heb ik voor het grootste deel over onverharde wegen gefietst. Ik fietste vnl. in een open heuvelachtig landschap, waarbij ik af en toe zicht had op de kust. Het weer was bewolkt, de temperatuur was rond de 11 graden en een paar regenbuien kon mijn ´fietspret´niet bedrukken. Als de zon scheen was het lekker weer om te fietsen. Bij een paar regenbuien vond ik al gauw onderdak in de prive- en staatsbushokjes. De vele steile heuvels in het gebied lieten me veel loopwerk verrichten. Het werd mij duidelijk, dat ik bij een gemiddelde fietssnelheid onder de 10 km per uur en vele rustpauzes mijn fietsschema niet kon houden. Ik besloot na 50 km over de ripio te stoppen en een slaapplaats in Quemchi te zoeken. Het was al 18:00 en na 8 uur onderweg te zijn geweest, was ik blij dat ik weer in een bewoonde wereld terecht was gekomen.

Het pittoreske vissersdorpje lag aan de kust en lag verscholen achter de omliggende steile heuvels. Dit betekende dat er veel steile heuvels bedwongen moesten worden om het plaatsje te kunnen bereiken of te verlaten. De avond bracht ik door in een gezellige restaurant le Chejo, waar de medewerkers mij het menu lieten zien wat ze aan hun gasten voorschotelden. Spaans kende ik niet. Een paar woordjes voor in het restaurant Le Chejo leerde ik al vrij snel en kon ik snel kiezen uit de diverse vismaaltijden met gebakken aardappeltjes. En als je Heineken riep, kreeg je je biertje toch wel.

De volgende dag (13/11) bereidde ik me weer voor op een zeer zware etappe door het heuvelachtige landschap van het eiland Chiloe. De eerste 20 kilometers waren een verschrikking, want de steile heuvels verschenen steeds weer in het landschap op het moment dat ik even lekker wilde fietsen om mijn benen te laten ontspannen. Ik had me voorgenomen om een korte rit te fietsen, omdat ik al wist dat de fietsroute langs de kust en in het binnenland wederom zwaar zou worden. Zoals in de vorige fietstochten, reed ik vooral in een open heuvelachtige landschap en soms door bosrijke gebieden. De onverharde wegen waren in de buurt van de eindbestemming redelijk te fietsen, maar de gemene klimmetjes waren niet uit te sluiten. Wat mij de laatste dagen opviel, dat er weinig mensen in de afgelegen gebieden leefden. Af en toe was ik lastig gevallen door loslopende, blaffende honden. Door een schopbeweging te maken en mijn stem te verheffen, hielden de honden het voor gezien. Ik arriveerde laat in de middag in Dalcahue, waardoor ik mijn eindbestemming Castro niet meer voor de avond kon bereiken. Dalcahue lag net als Quemchi langs het water en bij een zonnige dag waande ik me even weer terug naar de Marlborough Sounds op het Zuidereiland in Nieuw Zeeland. Een schilderachtige visserijomgeving om weer eens bij te komen van een zware rit.