
De lange fietstocht naar het uiterste zuiden van het eiland Chiloe startte met een heldere zonnige dag (14/11) en een strak blauwe lucht. De bergtoppen van de Andes bergen waren op sommige plaatsen op het eiland duidelijk zichtbaar. Na het passeren van de stad Castro varieerde het landschap op het eiland van het bosrijke binnenland tot het uitzicht op de besneeuwde bergtoppen van de Andes langs de kust en van open heuvelachtig landschappen tot de Jezuiten kerken langs de weg. Vanaf de weg was het bestaan van de eilandbewoners goed te volgen. Langs de wegen waren bedelende zigeuners, spelende en schoolgaande kinderen en werkende boeren te zien. Sommige eilandbewoners zochten langs de autoweg Ruta 5 naar eetbaar struikgewas (soort rabarber), kapten hout in het bos, bewerkten hun stukje grondgebied.
Het leek een eenvoudige etappe te worden om lekker eens uit te fietsen, maar de natuur was onverbiddelijk en de heuvels bleven maar opkomen in het landschap. De etappe leek wel op de 150 km toerversie van de Amstel Gold Race. Je hield van zo'n etappe of je haatte het, want op het moment dat je benen rust kregen kon je al weer opmaken voor een volgende steile klimmetje. Het heuvelachtige landschap kostte mij daarom veel energie (1000 hoogtemeters in 106 km), waardoor ik tegen de schemering op de plaats van bestemming, Quellon, aankwam. De gunstige weersomstandigheden en de nodige fietservaring zorgden er gelukkig voor dat ik de avond niet in the-middle-of-nowhere zou moeten doorbrengen. Aangezien ik snel weer naar het chileense vasteland wilde, kon ik me geen exta tussenstop veroorloven.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten