Voor mij was het toch een gek gevoel veel regenbuien in woestijn, dat bekend stond als een van de droogste gebieden op aarde. Toen ik ontwaakte van mijn nachtrust hoorde ik de regendruppels tegen het raam kletteren. Het bleef maar in de ochtenduren regenen, waardoor ik besloot in Solitaire te blijven en van mijn rust te genieten. Fietsen over natte, zanderige gravelwegen zou me veel energie en water kosten, wat ik niet verantwoord vond in een woestijngebied. Na passage van Rostock Ritz Desert Lodge zou ik voor ongeveer 200 kilometer geen water- of voedselvoorziening meer aantreffen en was ik aangewezen op mijn ingeslagen voorraden.
Een medewerker van het tankstationnetje was de op de hoogte van mijn reisplannen na het zien van enorme hoeveelheid ingekochte flessen mineraalwater. Hij stelde mij gerust en zei dat hij flessen water meegaf aan toeristen, die op weg naar Walvis Bay reisden. Elke fietser, die ze tegenkwamen, zouden ze van water kunnen voorzien. De medewerker vertelde dat hij deze dienstverlening al 22 jaar aan rondreizende fietsers bood. Afhankelijk van het weer en toestand van het wegdek zou ik op mijn eigen voorraad kunnen teren, maar dan zou ik niet onder de felle, brandende zon fietsen. De weg naar Walvis Bay was vanaf Kuiseb Pass geleidelijk dalend naar zeeniveau, maar dan zou ik nog twee bergpassen moeten bedwingen. Een kort rekensommetje leerde me dat ik minimaal twintig liter aan vocht bij me moest hebben na het passeren van verblijfoord Rostock Ritz Desert Lodge. Op de 136 kilometerlange weg van Betta naar Sesriem had ik aan twintig liter vocht voor twee dagen voldoende. Voor elke fietsreiziger was de weg van de bergpas Gaub Pass naar Walvis Bay voor ongeveer 200 kilometer niet zonder gevaren.
De verharde gravelweg C19 was de doorgaande route naar het nationaal park Namib Desert Park of naar de toegankelijke rode duinenlandschap bij Sossusvlei. Ondanks een paar slechte, zanderige stukken mocht ik niet klagen over de merendeels goed onderhouden weg. Voor een groot gedeelte kon ik het witgrijze spoor op het wegdek volgen, waar de zandlaag door de wind of auto’s grotendeels verplaatst was. Zodoende wisselde ik vaak van spoor om op de goede stukken te kunnen blijven fietsen en moest ik uitkijken voor tegenliggers. Het was gebruikelijk dat het auto- en/of vrachtverkeer op de goede weggedeelten reden ook al was het op de weghelft van de tegenligger.
De noordenwind bleef me sinds mijn fietstochten in het noordelijk deel van Zuid Afrika hinderlijk tegenwerken. De Zwitserse wereldfietser waarschuwde mij, toen ik met hem een gezellige onderhoud op het traject van Garies naar Kamieskroon had. De tegenwind haalde mijn fietssnelheid gemiddeld een a twee kilometer per uur naar beneden, terwijl het traject niet altijd zwaar was voor een geoefende fietser als ik. De weg naar Solitaire was niet echt boeiend, want t.o.v. de vorige dag was het uitzicht op de gele woestijnvlakte en de bergketens identiek en trof ik nauwelijks wild-life in de open vlaktes aan.
Bij aankomst in Solitaire brak de felle zon in de middag goed door en bracht ik de hele middag bij het zwembad door. Onder de brandende zon probeerde ik in diverse lighoudingen de kleurnuances op mijn lichaam weg te werken. De afgelopen dagen in de luxe verblijfoorden Le mirage en Sossus Dune Lodge in de buurt van Sesriem zonnebaadde ik veel en zag de kleurverschillen op mijn bovenlichaam en bovenbenen als boter voor de zon verdwijnen. Door op tijd van lighouding te veranderen en zonnebrandcrème te gebruiken had ik slechts last van branderig gevoel op mijn egaal gekleurde bovenlichaam.
09-12-2008
De laatste 300 kilometer naar Walvis Bay verdeelde ik in meerdere etappes, zodat ik de hitte in de middag voor een groot deel ontweek. Door deze indeling kon ik een paar middagen aan andere activiteiten besteden. Enerzijds zou ik een middag langs het zwembad kunnen doorbrengen en dmv. zonnebaden kon ik de kleurnuances op mijn lichaam naar een egaal kleur brengen. Anderzijds kon ik de Namib woestijn lokaal bekijken, indien ik wandeltochten maakte. Tijdens het fietsen dacht ik een heel schema uit en benadrukte de knelpunten rondom de bergpassen Gaub Pass en Kuiseb Pass. Rond deze knelpunten zou ik niet in de hete middag fietsen, omdat ik anders te veel energie en water zou verspelen.
De toeristische autowegen C27 en C19 waren voor een groot deel fietsvriendelijk, want de verharde gravel weg was goed onderhouden. Ik irriteerde me even aan de slechte zanderige stukke en de vervelende tegenwind uit het noorden. De slechte stukken haalden mijn fietssnelheid tijdens een afdaling onderuit en daar baalde ik af en toe flink van. Door de fietsgegevens goed bij te houden en de hoogtecontourlijnen op de wegenkaart nauwgezet te volgen, had ik voldoende inzicht in het verdere verloop van de autoweg. Ik legde me gemakkelijker bij neer, indien de opgaande helling weer een tien a vijftien kilometer langs was en van de categorie ‘vals plat’ was.
De weg naar Farm Guesthouse Weltevrede werd pas boeiend nadat ik het park Namib-Naukluft betrad. Het uitzicht op de gele woestijnvlakte, leek veel op de Namib Rand Nature Reserve. Het park bevatte meer bergtoppen en rotsformaties, die het uitzicht op het landschap mede bepalen, en het was niet een grote gele woestijnvlakte zoals de open vlakte bij Namib Rand Nature Reserve. Soms fietste ik even tussen de bergketens door, waarna ik me weer tijdelijk in een open woestijnvlakte bevond.
Nadat ik arriveerde bij Farm Guesthouse Weltevrede na 50 kilometer fietsen, had ik de hele middag voor me om te wandelen in de open vlaktes van de Namib Woestijn. De gastvrouw vertelde mij over de wandelroute langs de drooggevallen rivierbedding. Ze waarschuwde me over het vollopen van de rivierbedding na hevige regenbuien en zou alert moeten zijn op verdachte geluiden in de canyon, waar de rivier doorstroomde. Ik wandelde langs een oude weg naar de drooggevallen rivier toe en zag in de verte een kudde springbokken wegspringen zoals de zuidafrikaanse rugbyers tijdens een hun wedstrijd dat ook zouden willen. De rivier sneed de afgelopen duizenden jaren een diep, onafgebroken nauwe bergkloof in de harde gesteenteformaties. Langs de rivier had ik goed uitzicht op de bergketens in het Naukluft-Namib Park, die de gele woestijnvlakte omsloten. Aangekomen bij de rivierbedding zag ik vele soorten en planten, dieren en bomen, die ik vanaf de weg niet zou zien. Een grote uil vloog plotseling vanuit het niets weg uit de boom. Verder waren er veel witte vlinders rondom de struikgewassen en was een jakhals op zoek naar water.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten