04-12-2008
De volgende dag (04-12) verliet ik de autoweg C13 en volgde ik de weg naar de wereldberoemde duinenlandschap van Sossusvlei. De weersomstandigheden waren tot de middag zeer gunstig voor de fietser. Ondanks de hitte hielden talloze stapelwolken de felle zonnestralen tegen. De doorgebroken zonnestralen veroorzaakten lokale hitte en was tijdelijk even een plaaggeest voor de fietser.

Na weer een geleidelijke klim van een tiental kilometers te hebben overwonnen, irriteerde ik me aan de slechte gravelwegen met zanderige stukken, die mij weerhielden de fietssnelheid bij een afdaling op te laten lopen. Als ervaren fietser keek ik ver vooruit tijdens de afdalingen en spoorde ik de zanderige gedeelten van de gravelwegen in een vroeg stadium op, zodat ik op tijd van lijn kon veranderen. Elke automobilist of fietser volgde een stuk afgereden weg van zijn voorganger, opdat hij nauwelijks hinder ondervond van de vele, hevige trillingen op zijn voertuig en comfortabel naar zijn bestemming kon rijden. Het missen van de juiste lijn deed mijn zwaarbeladen fietsen in een dikke zandlaag wegglijden, waardoor ik dan ternauwernood aan een valpartij ontkwam.

De vele zanderige stukken kostte mij extra kracht en energie en bracht me soms in vertwijfelde toestand of ik mijn eindbestemming van de dag wel zou halenIk ontkwam niet aan een weggedeelte, dat 25 kilometer lang vals plat was en legde me al een beetje bij neer dat ik de eindbestemming Betta wel eens niet voor de invallende duisternis zou halen. Ik bereidde mij al een klein beetje voor op het wildkamperen, maar bleef ondertussen wel stevig doorfietsen ondanks de vele, slechte weggedeeltes. Op de wegenkaart volgde ik nauwgezet de gradiëntlijnen en concludeerde dat de eindbestemming in een vallei lag. Dit zou betekenen dat er nog een lange afdaling volgde en dat ik voor het donker in Betta zou arriveren. De laatste ruim 20 kilometer daalde ik in een te laag fietstempo af vanwege de zanderige gedeelten in de gravelwegen. De opgelopen frustratie liet ik temperen door het schitterende uitzicht op de zwarte, horizontale gelaagdheid van de kalksteen formaties, die als een opgerezen plateau boven en rondom de vallei uitstak.
Uiteindelijk arriveerde ik net voor aanvang van de avondschemering en kon ik nog een slaaphutje in Betta boeken. Het dorpje bestond uit een paar huizen en bedrijven en lag net als het vorige dorpje Helmeringhausen er in de avonduren verlaten bij. Gaandeweg realiseerde ik me dat Namibië tot een van de dunst bevolkte gebieden van de wereld behoorde. Het beeld van de afgelegen dorpjes in Chili kwamen in mijn gedachten op. Beperkte assortiment aan boodschappen en geen plaats, waar je een rustdag zou willen opnemen. Dit soort dorpjes boden slechts een tankfaciliteit en slaapplaatsen voor gestrande reizigers die op weg waren naar de bezienswaardigheden van Namibië.
03-12-2008
De etappe naar Helmeringhausen kon ik me revancheren op de mislukte bergetappe van Rosh Pinah naar het hooggelegen bergdorpje Aus. Vol spanning keek ik de afgelopen twee dagen uit naar deze fietstocht. Wederom een terugtocht en de fietsreis door Namibië was beëindigd. Gelukkig had ik de weersomstandigheden voor die dag mee. Een niet al te hete zomerse dag met veel bewolking in de lucht, die de felle zonnestralen tegenhielden.

Net na het verlaten van het bergdorpje bevond ik me aan het begin van de zeer grote Neisip-vlakte. De ruim 50 kilometerlange lange aanloop naar de Tirasbergketen was enerzijds fascinerend om te fietsen en anderzijds saai om het te beleven. Het monotone uitzicht op de bergketen stond urenlang op mijn netvlies gegraveerd en het weerhield mij niet om steeds iets nieuws in het landschap te ontdekken. Welke diverse bomen en struikgewassen zou ik in het landschap kunnen aantreffen. Beviel het landschap mij niet meer dan kon ik de toeristische route D707 langs de rode zandduinen van de Namib woestijn volgen. Een Zwitserse wereldfietser vertelde mij over deze afgelegen gravelroute, die volgens hem absoluut de moeite waard was om te fietsen. Vanwege de aanwezigheid van de zanderige wegen besloot ik af te zien van deze alternatieve route en bleef ik de autoweg C13 volgen. Vlak voor de afslag naar de autoweg D707 ontmoette ik een nederlands echtpaar, dat rondreisde door Namibië en Zuid Afrika. Ze fietsten soms ook in vreemde, verre landen net als ik, echter fietsen in de woestijn vonden ze maar niks. Ze vonden het vrij uniek dat er toch mensen door deze afgelegen woestijngebieden fietsten en wilden een foto van mij maken, waarop ik bezweet en al bijkwam van de kilometerslange beklimming over de verharde gravelwegen.

Nadat ik de afslag D707 passeerde, constateerde ik een toename van biodiversiteit van het gebied. Met verbazing staarde ik naar afgelegen rotsformaties in het landschap, waar diverse verschillende bomen groeiden. Langs de weg zag ik de woestijnplanten (succulents) en wilde bloemen, die ik ook in het noorden van Zuid Afrika aantrof. De verscheidenheid aan diverse bomen en struikgewassen verlevendigen de fietsroute naar Helmeringhausen en deed je ondertussen vergeten dat je al een geleidelijke klim van tientallen kilometers over de gravelwegen in de benen had zitten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten