
De regionale fietsroute l'Ocre werd in de buurt van de plaatselijke VVV van Apt aangegeven door groen bewegwijzerde bordjes en de tegenovergestelde route met paarse pijlpunten was tegen wijzers van de klok in. Nadat de lange weg N100 buiten Apt (+288 m) verlaten was, was de fietsroute voor een klein gedeelte identiek aan de wandelaarsroute GR6-97 (Grande Randonnée) in de buurt van het dorpje Gargas (+ 273 m).

Veel wandelaars maakten de wandeltocht tussen Rustrel, Gargas en Roussillon dwars door gebieden, waar de specifieke okerlaag soms zichtbaar aan het oppervlak werd. Het plaatsje Gargas werd na een kleine vijf kilometer fietsen bereikt en lag in een gebied, waar oker nog actief gewonnen werd door de mijnbouwindustrie. Vanaf Gargas werd de fietstocht voortgezet langs de verderop gelegen dorpjes Les Colombiers en Les Ferriers, waar de vele okergekleurde huisjes of villa's langs de weg te bewonderen waren. Voordat Roussillon bereikt werd na een fietstocht van ca. 15 kilometer, werd een tussenstop gemaakt bij museum 'Conservatoire des ocres et pigments applique'. Het museum maakte zich sterk voor het behoud van monumentale gebouwen en pigment toepassingen, die uit okerhoudend materiaal bestonden.

Ten noorden van het stadscentrum van Roussillon werd de fiets voor een tijdje aan de kant gezet om een wandeling, sentiers des ocres, langs de erosie gevormde okerhoudende formaties te maken. Vanaf het centrum was duidelijk waar te nemen, dat het gebied rondom Roussillon bedekt was met de karakteristieke okergekleurde bodemlaag. Na een fotostop werd de reis met de stalen ros weer vervolgd en bracht de fietser door de wijngaarden in de omgeving van St Saturnin lès Apt, dat negen kilometer ten noorden van de vertrekplaats Apt lag. De regionale fietstroute l'Ocre werd in Rustrel (+432 m) tijdelijk onderbroken voor een rondrit over de hoogvlakte van de Vaucluse.

De harde Mistral maakte van de bedwinging van de bergtoppen een lastig te nemen hindernis, dat uit een tien kilometer lange klim met een gemiddelde hellingspercentage van vijf procent bestond. Het keerpunt van dit uitstapje was het plaatsje St-Christol, waar de kale bergtop Mont Ventoux aan de horizon van de hoogvlakte verscheen. Na een rit van 18 kilometer over de weg D30 bestond het fietsen uit wat lichte klimwerk. In de buurt van Lagarde-d'Apt was het hoogste punt (+1100 m) van de zelf uitgestippelde route bereikt. Links langs de weg D34 stak alleen de bergtop St -Pierre (+1256 m) boven de hoogvlakte uit. In tegenstelling tot de hoogvlakte van Caussols bestond het landschap niet uit harde kalksteenformaties en waren er meer bomen- en plantengroei en in de uitgestrekte vlakten te bespeuren.

De zeer steile afdaling over de weg D34 vergemakkelijkte het fietswerk in de bosrijke gebieden van het regionale park 'Parc du Luberon' tot aan La Viguiere, waar de regionale fietstocht l'Ocre over een licht dalend wegdek weer voortgezet kon worden na een uitstapje van 39 km. De laatste 19 kilometer van de route was gedeeltelijk langs de buitengewoon mooie okergekleurde rotsformaties, die door erosie en mijnbouw degelijk aangetast waren. In Le Colorado Provençal was de specifieke okerlaag weer zichtbaar aan het oppervlak. Via het plaatsje Jean-Jean werd de fietstocht door de oker gebieden in Apt afgesloten.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten