Blog Page Translator

Blog Search Engine

Posts tonen met het label 200604 Sogn og Fjordane/Oppland (Midden-Noorwegen). Alle posts tonen
Posts tonen met het label 200604 Sogn og Fjordane/Oppland (Midden-Noorwegen). Alle posts tonen

zaterdag 8 juli 2006

Geirangerfjorden

De fietsroute naar Hellesylt was volgens de autoweg RV15 en RV60 en startte met een een middelmatig zware klim naar een hoogte van 245 meter. Het landschap oogde niet meer zo spectacuair als de voorgaande dagen. Het zag er nog wel bergachtig uit, ecter de open grasvlaktes en bosrijke gebieden overeersten. In de buurt van Maurhaugen had ik de zwaarste klim van de dag te pakken en de klim leidde me naar een hoogte van 390 m. Laatste paar kilometers van de steile afdaling naar Hellesylt gaf me een lekker gevoel, want ik had zicht op de beroemde Geirangerfjord. De overstocht met de veerboot van Hellesylt naar Geiranger duurde een uur en kostte me Nkr 98. Ondanks de bewolkte en regenachtige dag kon ik enigszins goede foto's van de vele watervalletjes en steile fjordwanden. Een niet te missen beeld bij een overtoct waren de rondvliegende meeuwen, die zich lieten voeden door de toeristen. Geiranger was een zeer toeristische dorp, dat laag in de vallei lag en alleen via een boot of na bedwinging van een bergpassen te bereiken was. Geiranger was ook een havenplaatsje waar cruiseschepen regelmatig een stop maakten.

vrijdag 7 juli 2006

Strynefjelvegen RV258

De zware bergétappe van gisteren had ik goed verwerkt en bereidde me voor op de volgende toeristische route, Strynefjelletveen RV258. Na de dagelijks boodschappen gedaan te hebben, zat ik weer op de fiets. Het was een bewolkte dag, maar nog helder genoeg om leuke foto's te maken. Tot Skjak fietste ik in een open dal met veel toeristische overnachtingsmogelijkheden in de kleine dorpjes. De étappe is nog redelijk vlak en bij het waterval Donfossen hield ik de gebruikelijke fotostop en legde de niet-spectaculaire waterval met de digitale camera vast. Daarna volgde een paar stevige colletjes langs een snelstromend rivier en had ik besneeuwde bergtoppen met wat sneeuwvelden op de achtergrond.

Bij aanvang Strynefjelvegen RV258 volgde een 11 kilometer lange klim, die als vals plat beschouwd kon worden. Op het hoogste punt (+1100 m) fietste je tussen twee steile bergketens . De steile afdaling begon bij de zomerskischool en had veel haarspeldbochten, die de afdaalsnelheid deed beperken.

In Videseter besloot ik de afdaling naar Stryn te maken en Geiranger links te laten liggen voor wat het was. Om opnieuw een lange klim in de avonduren uit te voeren, daar had ik geen zin in. Geiranger kon ook met de veerboot bereikt worden. Ik dacht verder na over de variant ‘The Atlantic Road’ langs de Atlantisce Oceaan, waarbij ik de steile bergbeklimmingen in het binnenland achter me kon laten. Ik wilde mijn kniebanden minder laten belasten, omdat de Noordkaap 2000 kilometer ver verwijderd lag.

donderdag 6 juli 2006

Sognefjelletvegen RV55

Uit de reisgids 'Norwegen per Rad' van Frank Pathe had ik gelezen dat de étappe van Gaupne naar Lom een berg van de buiten categorie omvatte. De route maakte onderdeel uit van de toeristische autoroute Sognefjelletvegen RV55, die door de Noorse bureau voor toerisme uitgezet was. De afgelopen weken had ik al naar deze confrontatie uitgekeken. Mijn fysieke gesteldheid en motivatie waren voldende aanwezig om deze uitdaging aan te gaan. De vele bergklimmetjes met een zwaar beladen fiets zorgden ervoor dat mijn kniebanden de afgelopen dagen aardig overbelast waren. Met pijn in de knieen kon ik soms de bergpassen bedwingen. Voor deze rit had ik me voorgenomen om op tijd rust te nemen, waardoor mijn kniebanden minder lang belast werden. De grootste winst was voor mij als ik de volgende dag gewoon weer verder kon fietsen.

De vlakke étappe van Gaupne naar Skjolden langs Sognefjord was een lekkere opwammertje voor de zware klim na Skjolden. Nog even kon er van de bosrijke, steile fjordwanden en stille wateren van de fjord genoten worden. In Skjolden had ik de laatste boodschappen gedaan, waarna besloot de berg van de buiten categorie op te zoeken.

De beklimming van de berg uit de buitencategorie startte bij het plaatsje Fortune en leidde de fietser naar een hoogte van 1200 meter binnen 15 kilometer. De eerste vier à vijf kilometers waren nog niet zo steil en kon enigszins met wat inspanningen nog gefietst worden. Daarna steeg het aantal hoogtemeters per afgelegde kilometer naar ongeveer 100. Tijdens deze zware klim moedigde veel toeristen en tegemoetkomend motorrijders mij aan. Bij een uitzictpunt klapten de bus met fotograferende toeristen voor mij en ik kreeg het gevoel alsof ik deel uitmaakte van een Alpenrit uit de Tour de France. Bij het bergdorpje Tutagro (+ 880m) had ik ongeveer 800 hoogtemeters in 11 kilometers gefietst en was ik toe aan lange lunchpauze. Vanuit dit dorpje, dat maar uit hotels en huizen bestond, konden de wandelaar of hikers hun wandeltochten in het nationaal park Jotunheimen maken.

Na de lunch was de klim naar het hoogste punt redelijk zwaar met een zeer steile stuk en was het traject heuvelachtig met een stijgende trendlijn. In 17 kilometer legde ik bijna 700 hoogtemeters af en dan waren de hoogtemeters uit het heuvelachtige stuk nog niet meegerekend. Tot een hoogte van 1200 meter was het traject van af Tutagro redelijk zwaar te beschouwen en moest ik om de kilometer of een kwartier fietsen wel een keer stoppen. De verzuring in mijn benen speelden parten. Ondanks de vele rustpauzes kon genoeg genieten van hoogste bergtoppen van Noorwegen. Al met al was de effectieve fietstijd drie uur en een kwartier en waren de afgelegde afstand en hoogtemeters resp. 29 kilometer en 1400 meter. Tijdens de klim zag alleen fietsers van de andere kant komen. De echte helden fietsen het stuk, wat ik gedaan heb.

De toeristische uitzicht punt was gelegen op het hoogste punt (+ 1434 m) en gaf een schitterend aanzicht op de reusachtige ijsvelden en besneeuwde bergtoppen van Jotunheimen. Na de lange fotostop en gesprekken met toeristen volgde een zeer steile afdaling (> 8%) van 5 kilometter en liep de fietssnelheid op tot boven de 70 kilometer per uur. Daarna volgde een geleidelijke afdaling in bergvallei langs een rivier. In vallei Leirdal was de afdaling vals plat en kon in een hoog fietstempo de laatste 50 kilometer naar Stryn gefietst worden. De vallei Bovredal bevatte veel landbouw en bosrijke gebieden.


woensdag 5 juli 2006

Naeroyfjord & Sognefjord

De dag na lange étappe langs het spoorlijn (Rallarvegen) nam ik tijdelijk afscheid van de 10 jaar jongere fietsmaatje Daniel. Ik wilde graag de toeristische route Sognefjelletvegen (RV55) fietsen en moest de oversteek naar Kaupanger maken. De Duitser wilde geen 30 euro neerleggen voor de bus en veerboot, immers hij was een low-budget toerist. Ik vertelde hem dat Flam een zeer toeristisch plaatsje was en dat de treinreis van Flam naar het hooggelegen Myrdal tot één van de beste treinreizen in de wereld behoorde. Zelfs dat wilde Duitser niet doen vanwege budgettaire redenen. We wisselden onze reisschema's en adressen uit en verwachtten elkaar weer in Trondheim na 10 dagen weer te zien. Daniel zou over de Aurlandsvegen naar Laerdal richting Trondheim fietsen en vervolgens aansluiten op de kustroute Kystriksveien RV17 nabij Steinkjer. Op deze wijze hoopte hij alle veerverbindingen te ontlopen.

De bustocht van Flam naar Gudvangen duurde ca 20 minuten en was door twee zeer lange tunnels, die verboden waren voor fietsers. De bus vervoerde de fiets tegen extra betaling bij de chauffeur. Voor aanvang van de boottocht van Gudvangen naar Kaupanger had ik al last van een déja-vu gevoel. In 2003 maakte ik dezelfde boottocht langs de Naeroyfjorden, Sognefjord en Aurlandsfjorden, waardoor ik geen behoefte had om veel foto's te schieten. Na de twee uur durende overtocht kon ik direkt met een redelijke klim beginnen. Er was wat afwisseling in landschappen langs de toeristische autoweg RV 55. Het bosrijke binnenlandschap werd later opgevolgd door pittoreske plaatsjes langs de noorwegen grootste fjord, Sognefjord, en eindigde de rit in Gaupne na een geleidelijke afdaling. Ook op dit traject kreeg een lekke band, maar deze keer was een kleine, zeer dunne spijker de boosdoener.