Welcome to Jordan
Na een vliegreis van ongeveer 5,5 uur met een overstap van een uur op de internationale luchthaven van Parijs, Charles de Gaulle, doorliep ik vrij snel alle reguliere procedures, die bij aankomst op de internationale luchthaven van Amman golden. De luchthaven was vele malen kleiner dan de westeuropese luchthavens van Londen, Frankfurt, Amsterdam en Parijs. Veel voorzieningen waren er niet. Een geldwisselkantoor en een geldautomaat boden uitkomst voor degene, die niet genoeg geld bij zich had voor het kopen van een visa (40 euro).
Na het in ontvangst nemen van de visa prepareerde ik mijn fiets binnen een half uur en controleerde ik de gevoelige fietsonderdelen. Vanuit de aankomsthal zag ik dat het buiten al donker was en bevestigde ik de lichtbandjes rondom de bovenarmen en zette ik de fietslichten aan. Met behulp van mijn smartphone en GPS app Google Map kon ik het hotel lokaliseren. Na vier fietsreizen in China viel mij direkt op dat de Google Map van Jordanie niet zo gedetailleerd was als die van China. Het kostte mij extra moeite het Airport Hotel te vinden, want het was niet in het Engels aangegeven op de informatieborden. Navragen bij de luchthavenmedewerkers hielp en zij konden mij in gebrekkig Engels de weg naar het hotel wijzen en begroette me met een paar engelse woorden 'Welcome to Jordan'. In het hotel kon ik mijn bagage door een security scan heen halen en besefte dat de Jordaniers zorgvuldig omgaan met veiligheid.
De volgende dag verliet ik het hotel en fietste riching de mozaiek stad van Jordanie, Madaba, dat ongeveer 30 kilometer ten zuiden van de hoofdstad Amman lag. Aanpassen aan het verkeer ging vrij snel, want i.t.t. de Chinezen houden de Jordaniers rekening met langzaamrijdend verkeer. Als westerse fietstoerist begroette de lokale bevolking mij diverse malen door 'Welcome to Jordan' te roepen of ze toeterden als ze mij passeerden. Net als de Chinezen probeerden ze uit nieuwsgierigheid mijn nationaliteit te achterhalen. Vol trots vertelde ik hen dat ik uit Nederland kwam en op weg was naar de toeristische plek van Jordanie, de rotsstad Petra. Het UNESCO werelderfgoed staat bekend in Jordanie als Al Batra. Vol verbazing keek de lokale bevolking mij aan zeiden in korte engelse zinnetjes: "That's far. 300 km".
Ik vertelde hen dat ik meerdere fietsreizen maakte en dat deze fietsreis niet bijzonder was. Ik was blij dat ik met eenvoudige engelse zinnen me verstaanbaar kon maken bij het in- en uitchecken op de luchthaven of in het hotel. Het gaf mij een relaxte gevoel om door het land te reizen, want communicatie kon een tijdrovende bezigheid zijn. Dit had ik ervaren in landen als China en Japan. Taalbarrière vormde geen belemmering voor de behulpzaamheid van de Jordaniërs aan buitenlanders. Een deel van de lokale bevolking kon zich in gebrekkig Engels verstaanbaar maken, waardoor ik niet veel tijd verloor aan eenvoudige zaken als het aanschaffen van een prepaid card, het boeken van een hotel kamer, boodschappen doen of de weg vragen. Verder kon ik met de Jordaniërs over alledaagse zaken praten. Als voetballiefhebber van mijn favoriete voetbalclub Feyenoord praatte ik graag met de lokale bevolking over voetbal. Ze volgden vooral het internationale topvoetbal uit Spanje. Ze waren voor Barcelona of Real Madrid en dit lieten ze vooral blijken in de coffee shops. De fans in de Real Madrid coffee shop te Kerak, nodigde me uit voor het bekijken van de herhalingsbeelden van de kampioenswedstrijd van Atletico Madrid tegen Barcelona. Alle fans konden geen genoeg krijgen dat de aartsvijand op de laatste speeldag niet verder kwam dan een gelijk spel. Ze gaven mij een demonstratie van FIFA soccer game, waarbij ze allemaal kozen om in het team van Real Madrid te voetballen.
Ondertussen merkte ik dat de gastvrijheid onder de Jordaniërs t.o.v. buitenlandse toeristen enorm is. De voetbalfans gaven mij wat mint thee en boden aan om aan te schuiven bij hun avondmaaltijd, wat bestond uit een grote panschotel met kip, aardappelen en groenten. Tot mijn verbazing pakten ze stukjes brood en graaiden ze allemaal in de pan. Dit was ik niet gewend dat ze met hun handen zo het brood afscheurden en het aan de gast gaven. Ik paste me aan en graaide mee in de pan om de lekkerste stukjes kip eruit te halen. Ik vouwde het brood om de stukjes kip heen en dipte in een bekertje yoghurt. Het gaf een verfrissende smaak, net als de tomaten en stukjes komkommers die er als garnituur bijlagen. Van de gastvrijheid kon ik tijdens mijn fietsreis over de Koningsweg, de oude handelsroute in Jordanië, genieten. Langs de weg maakte ik vaak een tussenstop om gekoelde dranken te kopen, want de heuvelachtige gebieden, droogte en hitte in de open woestijngebieden zorgden ervoor dat ik regelmatig moest blijven drinken. Een winkeltje bood dan uitkomst om af te koelen, zodat ik weer op normale temperatuur kon bijkomen en weer uitgerust was voor de volgende heuvels. Uit respect voor mijn fysieke inspanningen boden ze me vaak gratis thee of gekoeld flesje water aan. Het deed mij weer danken aan de droge, hete woestijngebieden van Namibië, waar ik vaak gekoelde dranken aangeboden kreeg.
Tijdens een rustpauze probeerde ik te converseren met de lokale bevolking, maar dat verliep niet geheel vlekkeloos en beperkte zich vaak tot standaardvragen over de buitenlandse toerist. Vragen als "Uit welk land kom je vandaan?" and "Can you speak English? beantwoordde ik kortaf, want zij reageerden vaak met de standaardzin "Welcome to Jordan'. Na een korte intro voor een gesprek probeerde ik de Jordaniërs mijn fietsplannen kenbaar te maken. Dat leverde altijd weer de bekende verbaasde blikken op. "Why alone?" was hun vraag en ik antwoordde "Could you find anyone who wants to make a bicycle trip in the hot deserts of Jordan?". Dan begrepen zij meteen waarom iemand alleen fiets door de mooie afgelegen woestijngebieden van Jordanië. Welcome to Jordan'.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten