Inleiding Na het verlaten van het stadscentrum van Chengdu besloot ik de provinciale autoweg S103 richting Xichang te volgen. De keuze voor deze weg was vooral gebaseerd op een weg met minder auto- en vrachtverkeer. De andere wegen waren nationale auto- en snelwegen naar het zuiden van China, waarbij de kans groot was dat je door veel tunnels zou moeten fietsen. De provinciale wegen ervoer ik vaak als een prettige fietsweggetje op weg naar een volgende bestemming, omdat een groot gedeelte van auto- en vrachtverkeer koos voor de tolwegen (nationale auto- en snelwegen). Het andere gedeelte kende de sluiproutes en was op de hoogte van de wegtoestand. Slechte wegdek en vallend rotspuin op wegdek waren een normaalverschijnsel op dit soort provinciale wegen.
Stedelijke gebieden Het eerste deel van de autoweg S103 van Chengdu naar Emeishan leidde me voornamelijk door veel stedelijke gebieden, waarbij ik nauwelijks zicht had op het landschap. De laaghangende bewolking over de bergtoppen verhinderde het verre zicht op de andere bergtoppen. Af en toe zag ik tussen de steden door landbouwgebieden en kleine industrieen en zag veel levendigheid langs de wegen. Het varieerde van verkoop van allerlei voedingswaren, eet- en theehuisjes, opdrogen van maiskolven en zaden. Sommige bewoners hingen de maiskolven langs de wanden van hun huizen, waardoor het op afstand hun huis een goudgele gloed gaf.
Bezienswaardigheden Na het passeren van Meishan zag ik veel informatieborden met verwijzingen naar toeristische bezienswaardigheden, die op een respectabele fietsafstand van de autoweg S103 aflagen. De buitenlander moest wel opletten, dat sommige gebieden niet voor hen toegankelijk was. Dit betekende dat je bepaalde reservaten niet kon bezichtigen, als je geen visa had. In Emeishan maakt ik een uitstapje naar de reusachtige Boeddhabeeld en het Zen-boeddhistische tempel Wuyou in Leshan. Het beeld en de tempels maakten deel uit van het werelderfgoedlijst van UNESCO en lagen op een schitterende, ontoegankelijke eiland voor het plaatsje Leshan. In Emeishan bezocht ik het oude boeddhistische stadscentrum Olifantenstad en Dafu-tempel. Voor de hoger gelegen eeuwenoude tempels en kloosters in de bergen diende je een stevige, meerdaagse wandeltocht te maken, als je alles wilde zien. Ik had voor zo抧 uitstapje geen tijd gereserveerd.
Bergetappes In de namiddag regende het vaak in de provincie Sichuan, waardoor een uitstapje naar een toeristische bezienswaardigheid of wonderschone uitzichtpunt niet altijd kon maken. Met de kans op regenbuien in de namiddag diende ik rekening mee te houden en het noodzaakte mij mijn fietstocht te onderbreken in een plaats, waar ik onderdak kon vinden. Verder moest ik rekening houden met de tientallen kilometerslange geleidelijke klim langs de rivieren. De gehele weg vanuit Ebian naar Meigu ging geleidelijk omhoog en veroorzaakte continue spanning op de bovenbeenspieren, wat uiteindelijk leidde tot spierpijn in de bovenbenen na een geleidelijk klim van dertig kilometer. Spierpijn was ook een reden om de bergetappe in een grote plaats te laten onderbreken. Voor aanvang van een volgende fietstocht analyseerde ik de omgeving door gebruik te maken van wegenkaarten, mondelinge informatie van lokale bewoners of beschikbare informatie vanaf het internet. Na 2 uur in de middag kon je beter niet meer aan een bergetappe beginnen, want je wist niet hoeveel tijd je kwijt was en of je wel in de bewoonde wereld terecht zou komen voor onderdak. Langs de gehele autoweg S103 zou je niet veel goede wildkampeerplekken aantreffen.
Natuurgeweld in afgelegen gebieden De route van Emeishan naar Meigu maakte ik kennis met de provinciale autoweg S103 in een afgelegen gebied van de provincie Sichuan, waarbij je aan stevige bergbeklimmingen niet ontkwam. Slechte toestand van wegdek en rotspuin onderbraken de bergetappe continue en moest ik nauwlettend het aankomend auto-, bus en vrachtverkeer in het vizier houden. Ruimte zouden ze me niet geven m.a.g. dat ik uit voorzorg stopte en het verkeer liet passeren. In de afgelegen gebieden markeerden de roodwit geverfde stenen de gaten in het wegdek. Het water stroomden vanuit de bergen de autoweg op, waar het afvloeiingsysteem niet goed meer werkte. De hele route was onder hevig aan enorme regenbuien en vallende rotspuin, die het wegdek resp. wegspoelden of beschadigden. De wegwerkers konden de herstelwerkzaamheden aan de weg niet meer bijhouden. Dweilen met de kraan open. Het begrip lokale aardverschuivingen drong nu goed tot mij door.
Het leven langs de weg Na het passeren van Ebian bevond ik me tussen de bosrijke bergketens en riviervalleien. Afwisseling van natuurschone omgeving met kleine nederzettingen langs de rivier. Op dit stuk zag je het traditionele leven van diverse Chinese bevolkingsgroepen in de afgelegen riviervalleien. De lokale bevolking was druk bezig met onderhoud aan wegen en huizen, die door het natuurgeweld aan stortregens en vallende puin aangetast waren. De bevolking op het platteland oogstten veel maiskolven en andere gewassen, die ze voor hun woning verkochten of liepen met vee, varkens of geiten langs de weg. In plattelandsnederzetting of in een stad er was altijd veel activiteiten langs de provinciale autoweg S103 te bespeuren.
Lokale bevolking Langs de gehele autoweg S103 was de rondreizende fietser een bezienswaardigheid of een vreemdeling voor de Chinese bevolking.
De Chinezen, die bewondering voor je fietsreis oogstte, nodigde me uit voor een lunchen of een rustpauze. Ik kon bij hen altijd wel aanschuiven voor een sigaretje of een kopje thee. Tot directe vloeiende gesprekken kwam het niet, maar een paar woorden en handgebaren kon je de Chinezen toch duidelijk maken, wat je bedoelde. De aangeboden lunch bestond vaak uit rijst of noodles aangevuld met pittige, gekruide soepgroenten en vleessoorten. Ze namen de moeite om voor de zoveelste keer uit te leggen hoe je de stokjes vast moest houden. Als het dan niet lukte, dan kreeg je een vork of een lepel.
Het andere deel van de bevolking zag de rondreizende fietser als een vreemdeling in hun land. Ze keken je vaak helemaal na of staan gegroepeerd om je heen als je de weg vroeg. In sommige gevallen negeerden ze je en wendden hun gezicht snel van je af. Communicatieproblemen met een buitenlander veroorzaakten dit soort gedragshoudingen. In bepaalde dorpjes langs de autoroute kon je als vreemdeling maar beter op je hoede zijn. Als fietsreiziger probeerde je met hen te communiceren door GPS apparaat of een kaart als hulpmiddel te gebruiken, maar het leidde vaak tot non-informatie. Navigeren met GPS kon je dit deel van de Chinese bevolking van je afschudden.
Hoogtepunt Na het passeren van een nederzetting of stad bevond ik me weer in een stille natuuromgeving omringd door bergtoppen, bossen of riviervalleien en overheerste het geluid van de snelstromende rivierwater. Het hoogtepunt was de bergetappe over gravel- en modderwegen van Lewuxiang naar Hongqi. Op het hoogste punt van het traject (+ 2882 m) een schitterende uitzicht over de gehele riviervallei en bosrijke bergflanken. Op de top van de bergpas kon ik de fietstocht van de afgelopen dagen de revue laten passeren en het aantal overwonnen hoogtemeters lag op dat moment al meer dan 2500 meter in 116 kilometer.
Fietsen op meer dan 2500 meter hoogte Hoogteziekte (misselijkheid) speelde een rol bij krachtinspanning op een hoogte van meer dan 2500 meter hoogte en het gevaar van een verkeerde stuurbeweging t.g.v. het botsen op een
grove kiezelsteen en een te lage fietssnelheid (< 6 km/uur). Vangrail naast de weg was er nauwelijks en het uitzicht op de afgrond gaf me een beangstigend gezichtsuitdrukking. De goede, smalle berijdbare weggedeeltes lagen langs het ravijn. Naar de top van de bergpas duwde ik de volgepakte fiets over een afstand van zes kilometer. Sommige stukken kon je nog een klein stukje op de fiets afleggen, daarna verhinderden het modder en de kiezelstenen het
behouden van redelijk fietssnelheid op een steile bergflank.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten