Blog Page Translator

Blog Search Engine

donderdag 22 november 2012

De eerste indrukken van de provincies Zhejiang en Jiangsu


Na 10 uur vliegen met de KLM doorliep ik vrij snel alle reguliere procedures, die bij aankomst op een internationale luchthaven golden. Met trots ontving ik mijn derde stempel voor het betreden van chinees grondgebied. Vrij snel had ik mijn losgemaakte fietsonderdelen weer aan mijn fiets vastgezet en kon ik de internationale luchthaven van Hangzhou onmiddelijk verlaten door over de speciaal aangelegde snelweg van de luchthaven naar het centrum van Hangzhou te fietsen. Normaliter mocht je als fietser deze snelweg niet betreden bij de tolpoorten en moest ik mijn truc uit de oude doos weer te voorschijn halen. De rechtse tolpoort met hoge fietssnelheid naderen en oorkleppen opzetten. Vooral niet reageren op de chinese kreten, die de poortwachters naar mij toeriepen. Achter me aan rennen had geen zin, want ik had op dat moment een voorsprong van ruim 30 meter en een hoge fietssnelheid.

In de buurt van de eerste afrit naar het stadscentrum begeleidde de surveillerende agenten mij naar de tolpoort en kon ik mijn fietstocht over de normale autoweg voortzetten. De agenten hadden begrip voor mijn actie. Bijna alle grote luchthavens in China zijn alleen te bereiken via de luchthaven snelwegen (Airport Expressways), die verboden zijn voor langzaamrijdend verkeer. Gelukkig lagen er brede vluchtstroken langs de snelwegen, waardoor ik nauwelijks hinder ondervond van met hoge snelheid passerende auto- en vrachtverkeer. Vaak gaven ze al een signaal met hun claxon af. Met al mijn fietservaringen op chinees grondgebied maakte ik me geen zorgen en navigeerde foutloos naar de afrit. Uit de verkeers- en signaleringsborden kon ik met moeite afleiden wat de de wegtoestand was en hoever ik nog moest fietsen naar het stadscentrum. Chinese bestuurders moesten voorzichtig rijden bij regenbuien, die later op de dag zouden kunnen volgen. De eerste twee weken van mijn reis fietste ik van Hangzhou via Suzhou en Wuxi richting een van de vele heilige bergen van China (Huang Shan) en de volgende zaken vielen mij op in de dichtbevolkte gebieden rondom het grote meer Taihu:

Verkeer, voertuigen en wegen
Het eerste deel van mijn reis fietste ik over de nationale en provinciale wegen rondom het grote meer Taihu. De wegen leidde mij niet direct door de stedelijke en industriële gebieden. Dit hield in dat de doorstroming van het verkeer goed was door het drukke stadscentrum te omzeilen.  Buiten de stedelijke gebieden trof ik regelmatig driebaanswegen aan, waarbij een groot verkeersaanbod ontbrak.  Een van de kenmerken van de Chinese wegenbouw was de ruime aanleg van wegen, die berekend was op een strikte scheiding tussen langzaam en snelrijdend verkeer. Vooral in de stedelijke gebieden was dit onderscheid duidelijk aanwezig. I.t.t. de westelijk- en noordelijke gelegen provincies van China waren de grote delen van de nationale autowegen vrij goed onderhouden en zag ik veel minder smerige plattelandsdorpen en industriegebieden. In de provincies Zhejiang en Jiangsu kon ik met gemak mijn neus ophalen zonder de gevaarlijke roetdeeltjes of zandkorrels in te ademen. Langs de provinciale en nationale autowegen in deze provincies waren er veel minder eethuisjes en tankstations aanwezig. Dit had te maken met de infrastructuur in het welvarende oostelijk deel van China. Het auto- en vrachtverkeer hadden veel alternatieve routes om de grote miljoenen steden als Shanghai, Hangzhou, Nanjing en Suzhou te bereiken of te vermijden, omdat veel snelwegen de nationale en provinciale wegen doorkruisten. Dit was ik tijdens mijn fietsreizen in het noorden en westen van China niet vaak tegengekomen.

 De wegen waren strikt gescheiden voor het snelle en langzaam rijdende verkeer. De brede driewielvoertuigen, die ik als tegenligger tegenkwam, wekte bij mij soms lichte irritaties op, omdat deze tegenliggers je naar het slechtste weggedeelte 'duwden'. Daarnaast passeerden veel scooters, bromfietsers en electrische fietsers mij en moest ik vooral luisteren naar de luid weerklinkende claxons. Zolang je als fietser niet van de lijn afweek, was er in feite niks aan de hand. Het beeld dat China een fietsland was, behoorde tot het verleden. In de grote steden boden de bromfietszaken massaal de scooters, electrische fietsen en bromfietsers tegen lage prijzen aan. De goedkoopste modellen waren voor ongeveer 300 euro te koop. Veel vermogen hadden de meeste scooters en electrische fietsen niet, want bij een steile heuvel fietste ik met mijn volbepakte fiets ze voorbij, als deze voertuigen ook net zwaar als ik beladen waren. Alleen het arme deel  van de bevolking reed op een slecht onderhouden fiets in de plattelandsgebieden en duwde de oude vehicle zonder versnellingen stapvoets op een licht hellend vlak. Als fietsreiziger kreeg ik vaak medelijden met deze plattelandsmensen. Een klein deel van de jonge generatie fietste vaak op een mountainbike of eenvoudige stadsfiets in de steden. Buiten de stedelijke gebieden zag ik deze groep fietsers niet, waarop ik kon afleiden dat de meeste chinezen niet zo snel in hun vrije tijd zullen fietsen.

Urbanisatie
De legergroene jasjes, aanhangers van de oud-chinese staatsman Mao Zhedong, waren verdwenen uit het stads- en plattelandsbeeld in het welvarende deel van China. In het westelijk deel van China, dat ver van de hoofdstad Beijing lag, zag ik een paar jaar geleden wel veel afbeeldingen met Mao. Op de lokale markten kon je daar Mao's ideologie in boekvorm kopen. Het welvarende deel van China prefereerde het westerse kapitalisme (van Deng Xiao Ping, 1978) boven Mao's ideologie, zodat veel van Mao's werken niet meer op de lokale markten, winkels of souvenirswinkels te vinden waren. Veel van de marxistische ideologie was niet meer overgebleven in het rijke deel van China. Dankzij de voormalige staatsman bleef het openbaar vervoer zeer goedkoop en bereikbaar voor de laagste bevolkingsklasse in heel China en dus ook in de dure stedelijke gebieden aan de oostkust. Verder garandeerde de staat haar bevolking een dak boven het hoofd. De economische expansiedrift van China leidde naar verstedelijking van gebieden, waar vroeger nog traditionele landbouwgebieden voorkwamen. Enorme flatgebouwen en hijskranen buiten de stadscentra bepaalden vaak het aanzicht van een middelgrote stad. In welvarende delen van de provincies in China zag ik veel minder het dagelijkse leven van de Chinezen op het platteland, wat voor mij duidelijk maakte dat veel Chinezen richting de stad trokken, waar geld verdiend kon worden.

Volksaard
Tijdens mijn voorgaande fietsreizen in het westen en noorden van China constateerde ik al dat de chinese volksaard irritaties bij buitenlanders zou kunnen opwekken. In het verkeer toeterden de Chinezen vrij snel in de hoop dat je ruimte voor ze vrijmaakte voor hun inhaalmanoeuvres. Ze passeerden het langzame verkeer op een gepaste afstand, als het hun inhaalacties niet belemmerde. In alle andere gevallen doorkruisten ze de weg van het langzaam rijdend verkeer. Voor voetgangers en fietsers kon het vervelende verkeerssituaties opleveren. Als rondreizende fietser hield ik er rekening mee en zou niet zo snel aan de rechterkant van de rijbaan fietsen. Spuugcultuur was ook in het welvarende deel van China te bespeuren. Zij het in mindere mate als in het westen van China. In het welvarende deel van China maakten ze de vloer en eettafels in de eethuisjes sneller schoon. Dit vond ik een grote vooruitgang, waar het westelijk deel van China nog van kan leren. Verder waren de Chinezen vrij behulpzaam als de taal geen barriere vormde. In veel gevallen maakten ze gebruik van hun netwerk en zorgden ervoor dat een gebrekkig engels sprekende chinees als communicatieplatform optrad voor de buitenlander. Het gebruik maken van het netwerk zag je vooral in de zuidelijke en oostelijke provincies van China. In alle andere provincies stond je als buitenlander in de hotels, restaurants of winkels vaak alleen voor. De Chinezen riepen vaak de kreet 'ting bu dong', als ze je niet begrepen. De term 'kan bu dong' bezigden ze ook als ik de menukaarten of de informatiefolders niet goed kon lezen. Last but not least, de meeste chinezen bleven rustig als een buitenlander irritaties bij hun opwekte. Een enkeling valt uit de toon, maar agressief gedrag vertoonden ze nooit.

Informatievoorziening
In de reisboeken en op diverse internetsites las ik dat de sommige chinese provincies zich profileerden als de ultieme reisbestemming voor de toeristen. De groeiende middenklasse in China besteedde meer geld aan vakanties en korte dagtochtjes naar de bekende bezienswaardigheden. De toeristenindustrie speelden goed in op de behoeften van deze groep en boden voldoende faciliteiten aan en hielden ook rekening met de buitenlandse toerist. Ik wist vrij snel de weg te vinden naar de bezienswaardigheden van de stad of regio, omdat bepaalde verkeersinformatieborden de engelse vertaling bevatten. Tijdens mijn fietstochten merkte ik alle toeristische voorzieningen op langs de wegen en in de steden door de bruin gemarkeerde verkeersinformatieborden langs de autoweg op te zoeken. Deze borden waren deels in chinese karakters (Mandarijn) en Pinyin transcriptieschrift, waarbij sommige woorden in het Engels geschreven werden. Zo wist ik altijd of het om een temple, bridge, scenic area etc. ging. Merendeel van de bekende en onbekende tempels, tuinen, musea in de provincies Zhejiang en Jiangsu verschaffen de buitenlandse reiziger voldoende informatie op de borden. Deze informatievoorziening miste ik in de noordelijk gelegen provincies Shanxi en Shaanxi wat betreft de minder bekende bezienswaardigheden. Deze provincies hadden veel eeuwenoude bezienswaardigheden, die zeker de moeite waard zijn om te bezoeken mits er voldoende informatie beschikbaar gesteld werd. In deze provincies moest ik vaak een apart informatieboekje met engelse vertaling kopen, opdat ik mezelf op de hoogte kon stellen van de achtergrondinformatie wat betreft de toeristische bezienswaardigheden, steden, natuurgebieden, historische bouwwerken en religieuze figuren.  In de provincies Zhejiang en Jiangxi was dat niet nodig.

1 opmerking:

Anoniem zei

Hallo Jeffrey,
Gelukkig een mooie beschrijving van je rondreis. Ook de mooie foto's al gezien. Wens je dan ook nog een goede reis verder en nog mooie indrukken van China. Jan en Ciska